Uitspraak
1.De procedure
- de conclusie van antwoord,
- de brief waarin is meegedeeld dat een mondelinge behandeling is bepaald.
Rechtbank Midden-Nederland
De zaak betreft een geschil tussen VvAA en een verzekerde over de beëindiging van een autoverzekering na overschrijving van het kenteken op naam van een derde. VvAA stelde dat de verzekeringsovereenkomst met terugwerkende kracht was geëindigd vanwege gebrek aan belang, omdat het kenteken was overgeschreven. De verzekerde betwistte dit en stelde dat de verzekering doorliep tot de feitelijke aflevering van de auto.
De kantonrechter oordeelde dat VvAA onvoldoende had aangetoond dat de verzekeringsovereenkomst rechtsgeldig was geëindigd. De polisvoorwaarden bevatten geen bepaling dat de verzekering automatisch eindigt bij kentekenoverschrijving. Bovendien was de auto op het moment van het ongeval nog niet geleverd en had de koper geen sleutel, wat erop wijst dat het bezit nog bij de verkoper lag.
VvAA had de verzekering met terugwerkende kracht beëindigd na het ongeval, zonder voorafgaand onderzoek naar het belang van de verzekerde. Dit werd gezien als een eenzijdige en onrechtmatige beëindiging van een lopende verzekeringsovereenkomst. De vordering tot betaling van schadevergoeding door VvAA werd daarom afgewezen en VvAA werd veroordeeld tot betaling van de proceskosten en wettelijke rente.
Uitkomst: De vordering van VvAA tot betaling van schadevergoeding wordt afgewezen omdat de verzekering niet met terugwerkende kracht mocht worden beëindigd.