ECLI:NL:RBMNE:2026:3967

Rechtbank Midden-Nederland

Datum uitspraak
24 juni 2026
Publicatiedatum
5 juli 2026
Zaaknummer
11945626 \ AC EXPL 25-2395
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 7:5 BWArt. 7:17 lid 1 BWArt. 7:17 lid 2 BWArt. 7:18a lid 2 BWArt. 7:22 lid 1 onder b BW
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing vordering wegens non-conformiteit tweedehands auto

Eiser kocht op 25 september 2024 een tweedehands Audi A6 Avant 3.0 TDI bij gedaagde en stelde dat de auto gebreken vertoonde die non-conformiteit opleverden. Hij vorderde ontbinding van de koopovereenkomst en terugbetaling of vermindering van de koopprijs.

De kantonrechter stelde vast dat het ging om een consumentenkoop en dat de auto voldeed aan de verwachtingen gelet op de leeftijd (9 jaar), kilometerstand (205.102 km) en prijs (€ 25.000). De geconstateerde gebreken, zoals een schokkerige versnellingsbak en mogelijke kapotte koppakkingen, vielen binnen de normale slijtage en waren voor een tweedehands auto te verwachten.

Daarnaast was de auto APK-goedgekeurd en had eiser na aankoop meer dan 50.000 km gereden. De kantonrechter concludeerde dat er geen sprake was van non-conformiteit in de zin van artikel 7:17 lid 1 BW Pro, waardoor de buitengerechtelijke ontbinding onterecht was. De vorderingen werden afgewezen en eiser werd veroordeeld in de proceskosten.

Uitkomst: De vorderingen van eiser wegens non-conformiteit van de tweedehands auto worden afgewezen.

Uitspraak

RECHTBANKMIDDEN-NEDERLAND
Civiel recht
Kantonrechter
Zittingsplaats Amersfoort
Zaaknummer: 11945626 \ AC EXPL 25-2395
Vonnis van 24 juni 2026
in de zaak van
[eiser],
wonende te [woonplaats] ,
eiser,
hierna te noemen: [eiser] ,
gemachtigde: mr. H.F.C. Hoogendoorn,
tegen
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
[gedaagde] B.V.,
gevestigd te [vestigingsplaats] ,
gedaagde,
hierna te noemen: [gedaagde] ,
gemachtigde: mr. P.L.M.F. Roosendaal.

1.De procedure

1.1
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaarding van 23 oktober 2025 met producties;
- de conclusie van antwoord met producties;
- de brief waarin is meegedeeld dat een mondelinge behandeling is bepaald;
- de mondelinge behandeling van 28 april 2026, waarvan door de griffier aantekeningen zijn gemaakt.
1.2
Aan het einde van de mondelinge behandeling hebben partijen gezegd te willen onderzoeken of zij tot een gezamenlijke oplossing kunnen komen. De kantonrechter heeft de procedure daarom twee weken geschorst. Op 20 mei 2026 heeft mr. Roosendaal laten weten dat partijen er niet uit gekomen zijn en de kantonrechter verzocht om een vonnis te wijzen.
1.3
De kantonrechter heeft bepaald dat vandaag het vonnis wordt uitgesproken.

2.De kern van de zaak

2.1
[eiser] heeft op 25 september 2024 een tweedehands Audi A6 Avant 3.0 TDI (hierna: de auto) gekocht bij [gedaagde] . Volgens [eiser] heeft de auto gebreken waardoor de auto non-conform is en heeft [gedaagde] die gebreken niet willen herstellen. Daarom heeft [eiser] op 15 oktober 2025 de koopovereenkomst ontbonden. In deze procedure wil [eiser] dat de kantonrechter voor recht verklaart dat de koopovereenkomst buitengerechtelijk is ontbonden en eist hij terugbetaling van € 21.925,- of een vermindering van de koopprijs van € 22.269,-. De kantonrechter oordeelt dat er geen sprake is van een non-conforme auto. De vorderingen van [eiser] worden daarom afgewezen.

3.De beoordeling

Er is geen sprake van non-conformiteit
3.1
Tussen partijen staat niet ter discussie dat het in deze zaak gaat om een consumentenkoop in de zin van artikel 7:5 van Pro het Burgerlijk Wetboek (hierna: BW). Om te beoordelen of de auto non-conform is, geldt als uitgangspunt dat de auto aan de overeenkomst moet beantwoorden. [1] Een zaak beantwoordt niet aan de overeenkomst als deze, gelet op de aard van de zaak en de mededelingen die de verkoper over de zaak heeft gedaan, niet de eigenschappen bezit die de koper op grond van de overeenkomst mocht verwachten. De koper mag verwachten dat de zaak de eigenschappen bezit die voor een normaal gebruik daarvan nodig zijn en waarvan hij de aanwezigheid niet hoeft te betwijfelen. [2] Bij de koop van een tweedehands auto die wordt gekocht om aan het verkeer deel te nemen, beantwoordt de auto niet aan de overeenkomst als het gebruik van de auto een gevaar voor de verkeersveiligheid oplevert door een gebrek dat niet eenvoudig door de koper kan worden ontdekt en hersteld. [3] Als de afwijking van wat is overeengekomen zich binnen een jaar openbaart, geldt het vermoeden dat die afwijking er al was ten tijde van de koop. [4]
3.2
Na de koop van de auto heeft [eiser] meerdere problemen aan de auto geconstateerd. Volgens [eiser] schakelt de auto erg schokkerig, vooral tijdens het rijden op de snelweg, en is er na een ‘flushbehandeling’ veel gruis geconstateerd in de oude olie. Uit deze twee omstandigheden concludeert [eiser] dat de versnellingsbak (ernstig) is versleten. Daarnaast rook [eiser] een paar maanden na de koop de geur van uitlaatgassen in de auto. [eiser] heeft toen [onderneming] (hierna: [onderneming] ) ingeschakeld om de auto te onderzoeken. [onderneming] heeft vervolgens vastgesteld dat er zich uitlaatgassen in het koelsysteem bevinden en dat er witte rook uit de uitlaat komt. Deze omstandigheden wijzen volgens [eiser] op één of meerdere kapotte koppakkingen. Dit kan leiden tot ernstige motorschade die zo snel mogelijk gerepareerd moet worden. [eiser] stelt dat dit gebreken zijn die maken dat de auto niet aan de overeenkomst beantwoordt, maar de kantonrechter oordeelt van niet. De problemen die [eiser] heeft geconstateerd zijn gebreken waar [eiser] rekening mee moest houden bij de koop van een tweedehands auto.
3.3
Het staat vast dat de auto op het moment van de koop 9 jaar oud was en een kilometerstand op de teller had van 205.102. De auto is gekocht voor € 25.000,-. Deze prijs is in lijn met vergelijkbare auto’s die [eiser] heeft overgelegd, wat maakt dat de auto voor normale prijs voor een tweedehands auto is verkocht. Om die reden mocht [eiser] redelijkerwijs niet verwachten dat de auto geen enkel technisch gebrek zou hebben, vrij zou blijven van dergelijke gebreken of geen reparatie nodig zou hebben. [5] Een auto is bij normaal gebruik onderhevig aan slijtage en in het algemeen geldt dat de kans op technische gebreken groter wordt naarmate de auto ouder is en meer kilometers heeft gereden. Dat geldt voor zowel een koppakking als de versnellingsbak van een dergelijke auto. Dit algemene gegeven is verdisconteerd in de koopprijs van een gebruikte auto die doorgaans lager is dan die van een nieuwe en lager wordt naarmate de auto ouder is en meer kilometers op de teller heeft. Dat is ook te zien aan de vergelijkbare auto’s, die meer kilometers op de teller hebben en voor een paar duizend euro minder worden verkocht. Gelet op de omstandigheden zoals de prijs, de leeftijd van de auto en de kilometerstand zijn de versleten versnellingsbak en de kapotte koppakking gebreken waar [eiser] rekening mee moest houden bij de koop van een tweedehands auto. Het zijn gebreken die hij kon verwachten bij de leeftijd en kilometerstand van de auto.
3.4
Bovendien staat vast dat [eiser] na de koop van de auto meer dan 50.000 km heeft gereden en was de auto voor de koop nog APK gekeurd. Dit blijkt uit de vervaldatum van de APK van 26-09-2025.
3.5
De conclusie is dat de auto voldeed aan wat [eiser] onder de hiervoor genoemde omstandigheden mocht verwachten. Er is dus geen sprake van non-conformiteit in de zin van artikel 7:17 lid 1 BW Pro. [eiser] mocht daarom de overeenkomst op 5 oktober 2025 niet buitengerechtelijk ontbinden en ook de kantonrechter ontbindt de overeenkomst niet. Doordat er geen sprake is van non-conformiteit, wordt ook de koopprijs niet verminderd op grond van artikel 7:22 lid 1 onder Pro b BW. De vorderingen van [eiser] worden afgewezen.
[eiser] moet de proceskosten betalen
3.6
[eiser] is in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van [gedaagde] worden begroot op:
- salaris gemachtigde € 1.154,- (2 punten x € 577,-)
- nakosten
€ 144,-(plus de kosten zoals vermeld in de beslissing)
Totaal € 1.298,-
Uitvoerbaar bij voorraad
3.7
De kostenveroordeling wordt niet uitvoerbaar bij voorraad verklaard,
omdat [gedaagde] dat niet heeft gevraagd.

4.De beslissing

De kantonrechter
4.1
wijst de vorderingen van [eiser] af,
4.2
veroordeelt [eiser] in de proceskosten van € 1.298,-, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met de kosten van betekening als [eiser] niet tijdig aan de veroordeling voldoet en het vonnis daarna wordt betekend.
Dit vonnis is gewezen door mr. I.L. Rijnbout en in het openbaar uitgesproken op 24 juni 2026.

Voetnoten

1.Artikel 7:17 lid 1 BW Pro.
2.Artikel 7:17 lid 2 BW Pro.
3.Zie Hoge Raad 15 april 1994 (ECLI:NL:HR:1994:ZC1338).
4.Artikel 7:18a lid 2 BW
5.Zie Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 28 januari 2025 (ECLI:NL:GHARL:2025:399).