Uitspraak
uitspraak van de voorzieningenrechter van 27 mei 2026 in de zaak tussen
[verzoeker] , uit [plaats 1] , verzoeker
de burgemeester van de gemeente Utrecht
Inleiding
Beoordeling door de voorzieningenrechter
Conclusie en gevolgen
Rechtbank Midden-Nederland
Verzoeker heeft een verzoek om voorlopige voorziening ingediend tegen de sluiting van een bedrijfspand door de burgemeester van Utrecht, besloten op 15 april 2026. De voorzieningenrechter beoordeelt dit verzoek zonder zitting omdat het kennelijk niet-ontvankelijk is.
De voorzieningenrechter stelt vast dat verzoeker geen afschrift van het bezwaarschrift en het besluit heeft overgelegd, ondanks een schriftelijke oproep om dit binnen een week te herstellen. Ook is het griffierecht niet betaald en is geen reden voor betalingsonmacht aangevoerd. Hierdoor is het verzoek om meerdere redenen niet-ontvankelijk.
Omdat er geen lopende bezwaarprocedure aannemelijk is gemaakt, kan het verzoek om voorlopige voorziening niet worden behandeld. De voorzieningenrechter wijst het verzoek af zonder inhoudelijke beoordeling en zonder proceskostenveroordeling.
De uitspraak is gedaan door voorzieningenrechter J.H. Lange op 27 mei 2026 en is onherroepelijk.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van het bezwaarschrift, het besluit en het niet betalen van griffierecht.