ECLI:NL:RBMNE:2026:4480
Rechtbank Midden-Nederland
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Ontbinding arbeidsovereenkomst wegens verstoorde arbeidsrelatie met beëindigingsvergoeding
In deze zaak heeft de kantonrechter Midden-Nederland op 7 juli 2026 uitspraak gedaan over het verzoek tot ontbinding van de arbeidsovereenkomst tussen [verzoekster] B.V. en [verweerster]. De arbeidsovereenkomst wordt ontbonden wegens een duurzaam en onherstelbaar verstoorde arbeidsrelatie, waarbij herplaatsing niet mogelijk is.
Beide partijen erkennen dat de arbeidsverhouding zodanig is verstoord dat voortzetting niet redelijk is. De kantonrechter oordeelt dat er een redelijke grond bestaat voor ontbinding en dat het einde van de arbeidsovereenkomst niet aan [verweerster] te wijten is. De ontbinding gaat in per 1 september 2026, rekening houdend met een minimale opzegtermijn van een maand.
Partijen zijn het eens over een beëindigingsvergoeding van €10.000 bruto, die door [verzoekster] aan [verweerster] moet worden betaald. De proceskosten worden ieder door de eigen partij gedragen. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad verklaard en in het openbaar uitgesproken.
Uitkomst: De arbeidsovereenkomst wordt ontbonden per 1 september 2026 met een beëindigingsvergoeding van €10.000 bruto.