ECLI:NL:RBMNE:2026:4511

Rechtbank Midden-Nederland

Datum uitspraak
8 juli 2026
Publicatiedatum
19 juli 2026
Zaaknummer
12029454 \ MC EXPL 25-71338
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 3:317 lid 1 BW
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing vordering wegens verjaring bij consumentenkoop van artikel

Riverty, handelend onder de naam Riverty en voorheen Afterpay, vordert betaling van €90,00 voor een artikel besteld door [gedaagde] bij een webshop op 30 juni 2022. [gedaagde] betwist de bestelling en stelt het artikel nooit te hebben ontvangen, ook is het besteladres niet haar woonadres maar dat van haar ex-partner.

De rechtbank oordeelt dat de Nederlandse rechter bevoegd is en Nederlands recht van toepassing is. De vordering verjaart na twee jaar vanaf de factuurdatum, tenzij de verjaring wordt gestuit door een ondubbelzinnige schriftelijke aanmaning.

Hoewel Riverty betalingsherinneringen uit 2022 en aanmaningen uit 2025 en 2026 heeft overgelegd, is er een periode van meer dan twee jaar tussen de laatste herinnering in 2022 en de eerstvolgende aanmaning in 2025, waardoor de verjaring niet tijdig is gestuit.

Daarom wordt de vordering afgewezen en moet Riverty de proceskosten betalen, die worden begroot op €0,00 omdat [gedaagde] zelf schriftelijk heeft gereageerd.

Uitkomst: De vordering van Riverty wordt afgewezen wegens verjaring van het vorderingsrecht.

Uitspraak

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND

Civiel recht
Kantonrechter
Zittingsplaats Almere
Zaaknummer: 12029454 \ MC EXPL 25-7133
Vonnis van 8 juli 2026
in de zaak van
RIVERTY GMBH,
handelend onder de naam Riverty,
voorheen handelend onder de naam Afterpay,
te Verl (Duitsland),
eisende partij,
hierna te noemen: Riverty,
gemachtigde: Yards Deurwaardersdiensten BV,
tegen
[gedaagde],
te [plaats] ,
gedaagde partij,
hierna te noemen: [gedaagde] ,
procederend in persoon.

1.De procedure

1.1
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaarding
- de conclusie van antwoord
- de conclusie van repliek.
1.2
[gedaagde] heeft daarna, hoewel daartoe behoorlijk in de gelegenheid gesteld, niet meer gereageerd.
1.3
Ten slotte is vonnis bepaald.

2.De kern van de zaak

2.1
[website] is een webshop. Riverty stelt dat [gedaagde] op 30 juni 2022 een artikel van Converse bij [website] heeft besteld en dat [gedaagde] voor betaling achteraf heeft gekozen. [website] heeft het recht om de koopprijs te eisen verkocht aan (de rechtsvoorganger van) Riverty. Volgens Riverty heeft [gedaagde] de koopprijs van € 90,00 niet voldaan.
[gedaagde] heeft aangevoerd dat zij het artikel nimmer in haar bezit heeft gehad en dat de bestelling haar onbekend is. [gedaagde] heeft haar bestelgeschiedenis bij [website] geraadpleegd en hierin is geen enkele bestelling van dit artikel terug te vinden. Daarnaast was het besteladres niet het woonadres van [gedaagde] maar van haar ex-partner. Ten slotte heeft Riverty [gedaagde] nooit benaderd op één van haar mailadressen en vindt zij het onbegrijpelijk dat zij na meerdere jaren radiostilte alsnog op haar huidige woonadres is benaderd. [gedaagde] betwist de vordering volledig.

3.De beoordeling

De Nederlandse rechter is bevoegd en het Nederlandse recht is van toepassing
3.1
Riverty is een rechtspersoon naar buitenlands recht. Daarom moet allereerst de vraag worden beantwoord of de Nederlandse rechter wel bevoegd is van de vordering kennis te nemen. Dat is zo. [gedaagde] woont namelijk in Nederland en is een consument. Verder overweegt de kantonrechter dat op de vordering het Nederlands recht van toepassing is.
De eis wordt afgewezen omdat die verjaard is.
3.2
De kantonrechter leest in het verweer van [gedaagde] dat zij het onbegrijpelijk vindt dat de dagvaarding nu pas, jaren na de bestelling is uitgebracht, een beroep op verjaring van het vorderingsrecht van Riverty. De kantonrechter volgt [gedaagde] daarin. De rechtsvordering tot betaling van de koopprijs bij een consumentenkoop verjaart door verloop van twee jaren. Die termijn gaat lopen vanaf de factuurdatum. De verjaring kan worden gestuit door een schriftelijke aanmaning of mededeling waarin de schuldeiser (Riverty) zich ondubbelzinnig het recht op nakoming (betaling) voorbehoudt. Dit staat in artikel 3:317 lid 1 van Pro het Burgerlijk Wetboek. Riverty heeft bij dagvaarding een aantal betalingsherinneringen overgelegd uit 2022. De laatste daarvan is op 9 november 2022 verstuurd. Bij conclusie van repliek heeft Riverty aanmaningen overgelegd van 6 november 2025, 29 november 2025 en 27 februari 2026, waarin aanspraak wordt gemaakt op betaling. Tussen de betalingsherinnering van 9 november 2022 en het eerstvolgende bericht daarna (6 november 2025) zit meer dan twee jaar tijd, waardoor de verjaringstermijn niet tijdig is gestuit.
De vordering is dus verjaard.
3.3
Omdat het vorderingsrecht van Riverty is verjaard, wordt haar vordering afgewezen.
Riverty moet de proceskosten betalen
3.4
Riverty moet de proceskosten betalen, omdat zij ongelijk krijgt. De kantonrechter begroot deze kosten aan de kant van [gedaagde] op € 0,00 aangezien zij zelf (schriftelijk) heeft gereageerd.

4.De beslissing

De kantonrechter
4.1
wijst de vorderingen van Riverty af;
4.2
veroordeelt Riverty in de proceskosten van [gedaagde] , die worden begroot op € 0,00.
Dit vonnis is gewezen door mr. R.M. Berendsen en in het openbaar uitgesproken op 8 juli 2026.