Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.Zitting
- de verdachte;
- de officier van justitie: mr. M. Jansen;
- de advocaat van de verdachte: mr. D.J.P. van Barneveld (hierna: de advocaat);
- de benadeelde partij: [slachtoffer] (hierna: [slachtoffer] );
- de advocaat van de benadeelde partij: mr. L. Moerdijk.
2.Tenlastelegging
3.Inleiding
4.Vrijspraak
subsidiariteit). Daarnaast moet de wijze waarop het geweld wordt gebruikt op grond van (het destijds geldende) artikel 7, zevende lid (thans het vijfde lid), Politiewet 2012
proportioneelzijn. Dat wil zeggen dat het geweld in verhouding tot het beoogde doel redelijk en gematigd moet zijn. Aan het geweld gaat zo mogelijk een waarschuwing vooraf.
video vastpakken lang (gefilmd vanaf [straat] )’ stelt de rechtbank vast dat de verdachte [slachtoffer] gedurende enige tijd met zijn linkerhand bij zijn haren vast had en op die manier in ieder geval enkele meters heeft meegetrokken. Dat deze handelingen bij [slachtoffer] letsel hebben opgeleverd (wondjes bij de haarwortel en losgetrokken bolletje haar) volgt uit foto’s die in het dossier zitten en dat [slachtoffer] daarvan pijn heeft ondervonden is evident. Gelet daarop acht de rechtbank bewezen dat de verdachte [slachtoffer] als gevolg van deze handelingen pijn en letsel heeft toegebracht.
Niet strafbaar is de ambtenaar die in de rechtmatige uitoefening van zijn taak en in overeenstemming met zijn geweldsinstructie geweld gebruikt.”
5.Vordering benadeelde partij
6.De beslissing
- verklaart [slachtoffer] niet-ontvankelijk in de vordering;
- veroordeelt de benadeelde partij [slachtoffer] in de kosten die de verdachte heeft gemaakt, tot op dit moment begroot op nihil.