Uitspraak
1.De procedure
2.De kern van de zaak
“Iov [eiser]”. Dat betekent volgens [eiser] dat de overboeking in opdracht van haar door [bedrijf 1] is gedaan. Dat kan kloppen, maar daaruit blijkt niet zonder meer dat het ging om een lening. Uit de door [eiser] overgelegde Whatsapp-berichten volgt dat [gedaagde] op 8 maart 2021 aan [A] alleen vraagt om
“iets vanuit fkexstafit over te maken”. Daaruit blijkt onvoldoende dat [eiser] en [gedaagde] hebben afgesproken dat hij dat bedrag aan haar moest terugbetalen.
“Doe er iets zinvols mee vriend”. Uit niets blijkt dat het zou gaan om een lening.
Iov [eiser] ”. Uit de Whatsapp-berichten blijkt dat [gedaagde] op 14 september 2021 om geld heeft gevraagd en daarbij heeft geschreven
“wel later betalen ergens volgende haar”. Daaruit maakt de kantonrechter op dat [gedaagde] het geld op termijn terug zou betalen en het hier dus ging om een lening. [gedaagde] heeft bovendien niet weersproken dat de omschrijving betekent dat het bedrag in opdracht van [eiser] aan hem is overgeboekt. Daarmee staat vast dat [eiser] dat bedrag als lening aan [gedaagde] heeft verstrekt.
“zou jij iets kunnen missen vanuit het bedrijf”. Daaruit blijkt onvoldoende dat het ging om een lening en dat die lening vanuit [eiser] aan [gedaagde] is verstrekt.
“Oprichting [bedrijf 3] ”. Dat hierbij sprake was van een lening van [eiser] aan [gedaagde] in persoon blijkt nergens uit. Eerder lijkt het erop dat met deze overboeking uitvoering wordt gegeven aan de partnerovereenkomst, waarin is opgenomen dat de kosten voor de oprichting van de persoonlijke holding van [gedaagde] zullen worden gedragen door [eiser] . [3]
“boeking op rekening courant”of
“R/C boeking”. [eiser] heeft voldoende onderbouwd dat bedragen 6 en 7 leningen van haar aan [gedaagde] zijn. Uit de Whatsapp-berichten blijkt dat [gedaagde] op 25 mei 2023 aan [A] heeft geschreven:
“Ik kom zelf 2500 euro tekort Ron, is het mogelijk om dit bedrag van je te lenen en vanaf volgende jaar een afspraak maken over terugbetalen of als ik zover ben met [C] dat ik je in een keer terug kan betalen”. Bij zijn verzoek voor het daaropvolgende bedrag schrijft [gedaagde] op 30 mei 2023:
“Je krijgt het echt gelijk als ik de aanbid krijg van [C] ”. Daarmee staat buiten twijfel dat het bij die twee bedragen ging om een lening. Verder is voldoende vast komen te staan dat [A] bij het verstrekken van die leningen niet namens zichzelf, maar namens [eiser] handelde, aangezien uit de Whatsapp-berichten blijkt dat [gedaagde] telkens vroeg om geld uit het bedrijf en het geld ook telkens door [eiser] werd overgeboekt.
4.De beslissing
- de kosten van betekening als [gedaagde] niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend,
- de wettelijke rente