Uitspraak
1.De procedure
- de conclusie van antwoord in conventie en van eis in reconventie van 17 september 2025,
- de brief waarin is meegedeeld dat een mondelinge behandeling is bepaald.
Rechtbank Midden-Nederland
In oktober 2024 kocht eiser een Citroën Grand Picasso van gedaagde. Na enkele maanden ervoer eiser klachten met de auto, die gedaagde meerdere keren kosteloos repareerde. Eiser vorderde ontbinding van de koopovereenkomst en terugbetaling van de koopprijs wegens non-conformiteit.
De kantonrechter oordeelde dat eiser zijn stellingen over de gebreken onvoldoende had onderbouwd. De eerder genoemde defecte rem en valse lucht waren verholpen, en de distributieketting was vervangen. Ernstig vermogensverlies was niet aangetoond, mede omdat eiser veel kilometers met de auto had gereden.
Daarnaast stelde eiser dat gedaagde geen bewijs had geleverd van vervanging van motor en turbo, wat onderdeel van de koopovereenkomst was. De rechter vond dat het ontbreken van schriftelijk bewijs geen grond was voor ontbinding, zeker omdat niet was gesteld dat de vervanging niet had plaatsgevonden.
De vorderingen van eiser werden afgewezen, evenals de reconventionele vordering van gedaagde tot vergoeding van proceskosten. Eiser werd veroordeeld tot betaling van de proceskosten in conventie.
Uitkomst: De vordering tot ontbinding van de koopovereenkomst wordt afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing van gebreken.