ECLI:NL:RBMNE:2026:657

Rechtbank Midden-Nederland

Datum uitspraak
3 februari 2026
Publicatiedatum
26 februari 2026
Zaaknummer
16.060367.23
Instantie
Rechtbank Midden-Nederland
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - meervoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verlenging tbs met dwangverpleging met 1 jaar wegens passantenproblematiek

De rechtbank Midden-Nederland heeft op 3 februari 2026 uitspraak gedaan over de verlenging van de tbs-maatregel met dwangverpleging van een betrokkene die veroordeeld is voor vernieling, bedreiging en opzettelijke brandstichting. De betrokkene verblijft sinds de oplegging van de maatregel in februari 2024 in detentie, wachtend op opname in een forensisch psychiatrische kliniek, waardoor hij een langdurige passant is zonder behandeling.

De officier van justitie vorderde een verlenging van de tbs met twee jaar, gesteund door het advies van de kliniek. De verdediging pleitte voor een verlenging van slechts één jaar om de schrijnende situatie van de betrokkene en de passantenproblematiek te adresseren en om de ontwikkelingen beter te kunnen volgen.

De rechtbank oordeelde dat de tbs verlengd moet worden vanwege het blijvende risico op herhaling en de aanwezige stoornissen, maar achtte de passantenproblematiek een bijzondere omstandigheid die rechtvaardigt af te wijken van de gebruikelijke verlenging van twee jaar. Daarom werd de tbs met één jaar verlengd, met het oog op het actief volgen van de plaatsingsontwikkelingen en het opstellen van nieuwe rapporten indien opname uitblijft.

De rechtbank benadrukte de onacceptabele situatie van de betrokkene die al meer dan twee jaar zonder behandeling in detentie verblijft en gaf de officier van justitie de opdracht om tijdig nieuwe Pro Justitia rapporten te laten opstellen voor de volgende verlengingszitting indien nodig.

Uitkomst: De rechtbank verlengt de tbs-maatregel met dwangverpleging met één jaar vanwege passantenproblematiek en onduidelijkheid over klinische opname.

Uitspraak

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND

Strafrecht
Zittingsplaats Utrecht
Parketnummer: 16.060367.23 (vordering verlenging tbs)
Datum uitspraak: 3 februari 2026
Datum zitting: 3 februari 2026
Beslissing op vordering verlenging terbeschikkingstelling (tbs)
van de betrokkene:
[betrokkene] ,
geboren op [geboortedatum] 1988 in [geboorteplaats] ,
verblijvend in Justitieel Complex [locatie] in [plaats] .
Advocaat van de betrokkene: mr. J.J. Lieftink (hierna: de advocaat)
Officier van justitie: mr. A.L. Rinsma

1.Terbeschikkingstelling

De rechtbank Midden-Nederland heeft bij vonnis van 24 januari 2024 de betrokkene veroordeeld voor vernieling, bedreiging met een misdrijf tegen het leven gericht en opzettelijke brandstichting met gevaar voor goederen en personen. Voor de bedreiging en de opzettelijke brandstichting heeft de rechtbank hem de maatregel van terbeschikkingstelling met bevel tot verpleging van overheidswege (hierna: tbs met dwangverpleging) opgelegd.
De tbs is niet in duur gemaximeerd.
De tbs is ingegaan op 8 februari 2024 en eindigt zonder nadere beslissing op 8 februari 2026. De betrokkene verblijft sinds de oplegging van de maatregel nog steeds in detentie, in afwachting van plaatsing in de Forensisch Psychiatrische Kliniek Inforsa (hierna: de kliniek). De betrokkene is dus een zogenaamde passant en de behandeling is nog niet begonnen.

2.Procedure

Vordering
De officier van justitie heeft op 7 januari 2026 gevorderd dat de tbs met twee jaar wordt verlengd.
Stukken
De rechtbank heeft kennisgenomen van de volgende stukken:
  • het vonnis in de strafzaak;
  • het advies van de kliniek van 10 december 2025.
Er zijn geen wettelijke aantekeningen, omdat de behandeling in de kliniek nog niet is begonnen.
Zitting
Op de zitting zijn gehoord:
  • de officier van justitie;
  • de betrokkene;
  • de advocaat;
  • de deskundige [deskundige] , GZ-psycholoog en regiebehandelaar van de kliniek.

3.Advies

De betrokkene is nog niet opgenomen in de kliniek, maar de deskundige van de kliniek heeft wel al tweemaal met de betrokkene gesproken tijdens zijn verblijf in Justitieel Complex [locatie] . Ook heeft de kliniek gekeken naar de Pro Justitia rapporten die in 2023 over de betrokkene zijn opgemaakt voor de inhoudelijke behandeling van de strafzaak waarbij de tbs maatregel is opgelegd. De kliniek adviseert op basis daarvan de maatregel tbs met dwangverpleging te verlengen met 2 jaar.

4.Standpunten

Standpunt van de officier van justitie
De officier van justitie heeft de vordering gehandhaafd dat de tbs met 2 jaar moet worden verlengd. Daarbij heeft de officier van justitie op de zitting opgemerkt dat hij zich met het oog op de passantenproblematiek wel kan voorstellen dat door de verdediging wordt gevraagd om slechts met een jaar te verlengen, om zo een vinger aan de pols te houden.
Standpunt van de advocaat
De advocaat heeft bepleit dat de tbs met 1 jaar moet worden verlengd om aan de gehele tbs-keten en de verantwoordelijke bewindspersonen duidelijk te maken dat de huidige wachtlijstsituatie en passantenproblematiek onhoudbaar is. Door de maatregel te verlengen met slechts een jaar kan de rechtbank een vinger aan de pols houden. Voor het geval de betrokkene na dat jaar nog steeds als passant in een penitentiaire inrichting zou verblijven verzoekt de advocaat bovendien om voorafgaand aan de volgende verlengingszitting nieuwe Pro Justitia rapporten te laten opmaken door een psycholoog en psychiater, zodat op dat moment eventueel kan worden beoordeeld of een tbs maatregel met verpleging van overheidswege nog wel noodzakelijk is, dan wel dat behandeling in een ander kader verantwoord wordt geacht.

5.Beoordeling

Op dit moment is de behandeling van de betrokkene in een tbs kliniek nog niet begonnen. Hij staat hij nog op de wachtlijst voor opname in Forensisch Psychiatrische Kliniek Inforsa. Toch moet de rechtbank beoordelen of de maatregel moet worden verlengd.
De rechtbank komt op grond van de stukken en wat op de zitting is besproken tot het volgende oordeel.
Maximale duur van de tbs
De tbs is opgelegd voor misdrijven die zijn gericht tegen en/of gevaar veroorzaken voor de onaantastbaarheid van het lichaam van een of meer personen. De tbs is daarom niet in duur gemaximeerd. Verlenging van de tbs is dus mogelijk.
Stoornis, gebrekkige ontwikkeling en herhalingsgevaar
De rechtbank stelt op basis van het advies van de kliniek dat bij de betrokkene nog altijd sprake is van stoornissen, namelijk een schizoaffectieve stoornis (bipolair type), een stoornis in alcoholgebruik en een stoornis in amfetaminegebruik.
Tijdens het verblijf van de betrokkene in, afwisselend, Justitieel Complex [locatie] , het Penitentiair Psychiatrische Centrum (PPC) en de Extra Zorg Voorziening (EZV), is de psychose van betrokkene stabiel door medicatie. Ook toont hij enig ziektebesef. Het risico op herhaling van delictgedrag zonder behandeling wordt ingeschat als hoog.
De rechtbank neemt het advies over. De behandeling van de problematiek is complex en langdurig. Uit het advies van de kliniek blijkt dat de betrokkene al 10 jaar bekend is in de GGZ en dat sinds zijn 26e levensjaar sprake is van terugkerende psychotische episodes, al dan niet gerelateerd aan middelengebruik. Het is niet aannemelijk dat deze problematiek zonder behandeling zal verdwijnen. Ook zal behandeling ingezet moeten worden om de maatschappelijke en sociale inbedding van de betrokkene te bevorderen om het risico op herhaling terug te dringen.
Verlenging van de maatregel
Gelet op het voorgaande concludeert de rechtbank dat de veiligheid van anderen dan wel de algemene veiligheid van personen of goederen verlenging van de tbs-maatregel van de betrokkene eist. De rechtbank houdt daarbij ook rekening met de Pro Justitia rapporten die in 2023 over de betrokkene zijn uitgebracht. Hierin staat dat het de verwachting is dat de betrokkene een langdurige en intensieve klinische behandeling nodig heeft die zich richt op zowel de psychiatrische problematiek, als de hardnekkige verslavingsproblematiek. Zoals eerder benoemd, is deze behandeling tot op heden niet aangevangen.
Duur van de verlenging
Anders dan geadviseerd door de kliniek en gevorderd door de officier van justitie, verlengt de rechtbank de tbs met dwangverpleging met 1 jaar.
De rechtbank heeft als uitgangspunt dat de tbs verlengd moet worden met een termijn van 2 jaar, als aannemelijk is dat de behandeling en resocialisatie van de betrokkene nog langer dan 1 jaar duurt. Alleen in geval van bijzondere omstandigheden kan van dit uitgangspunt worden afgeweken.
Omdat de betrokkene buiten zijn toedoen nog aan zijn behandeling moet beginnen en de voorspelling is dat de behandeling langdurig nodig zal zijn, valt niet te verwachten
dat binnen een jaar de tbs met dwangverpleging (voorwaardelijk) kan worden beëindigd. De ontwikkeling van de betrokkene als langdurig passant vormt naar het oordeel van de rechtbank in dit geval echter een bijzondere omstandigheid die aanleiding geeft om af te wijken van het uitgangspunt om te verlengen met 2 jaar. Daarbij is het volgende van belang.
De betrokkene verblijft al meer dan 2 jaar afwisselend in een penitentiaire inrichting, in een penitentiair psychiatrisch centrum en een extra zorg afdeling. In die tijd is hij ingesteld op anti-psychotische medicatie waardoor hij is gestabiliseerd. De stoornissen in het middelengebruik zijn door de detentie gedwongen in remissie. Ondertussen heeft de betrokkene veel gemediteerd en is enig ziektebesef opgemerkt. Het lijkt er derhalve op dat de betrokkene toch in staat is te profiteren van de geboden structuur en medicatie in detentie. Hij verblijft echter al meer dan 2 jaar in een detentieregime, zonder behandeling en zonder duidelijkheid over de toekomst. Het is, zelfs op dit moment, nog geheel onduidelijk wanneer de opname in de kliniek kan plaatsvinden. Over de duur van de wachtlijst wordt aan de betrokkene geen enkel inzicht gegeven.
De rechtbank acht deze situatie onacceptabel. Het levert een schrijnende situatie op voor de betrokkene. Een verlenging met slechts 1 jaar geeft de rechtbank de mogelijkheid om de ontwikkelingen over de plaatsing actief te (blijven) volgen, zodat over een jaar de stand van zaken, de prognose en de hierbij geïndiceerde behandelmogelijkheden meer concreet kunnen worden besproken.
Pro Justitia rapporten
De rechtbank acht het van belang om bij de volgende verlengingszitting een geactualiseerd inzicht te krijgen in de diagnostiek, de behandelmogelijkheden en het risico op herhaling van delictgedrag. Dat is in dit geval in het bijzonder van belang, omdat de betrokkene gedurende zijn lange tijd in het Justitieel Centrum [locatie] al een ontwikkeling heeft doorgemaakt. Hij is stabiel geraakt, hij is medicatie trouw en hij is abstinent van middelen.
Inzicht in de diagnostiek, de behandelmogelijkheden en het risico op herhaling van delictgedrag kan worden gegeven door de kliniek, als de betrokkene daar uiteindelijk is geplaatst. Als de plaatsing van de betrokkene in de kliniek in de loop van het jaar nog steeds niet aan de orde is en over deze onderwerpen door de kliniek dus geen duidelijkheid kan worden gegeven, geeft de rechtbank de officier van justitie in overweging om tijdig vóór de volgende verlengingszitting nieuwe pro justitie rapporten over de betrokkene te laten opstellen door een psychiater en een psycholoog.

6.Beslissing

De rechtbank:
verlengt de tbs met dwangverpleging van
[betrokkene]met
een jaar.
Deze beslissing is genomen door:
mr. J.T. Pouw, voorzitter,
mr. J.F. Haeck en mr. E. Post, rechters,
in tegenwoordigheid van mr. C.W.M. Raedts en E.M. Caruso, griffiers,
en uitgesproken op de openbare zitting van deze rechtbank op 3 februari 2026.
Mrs. Post en Raedts zijn niet in de gelegenheid deze beslissing mee te ondertekenen.