ECLI:NL:RBMNE:2026:753
Rechtbank Midden-Nederland
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Verzoek om voorlopige voorziening tegen ongeldigverklaring rijbewijs niet-ontvankelijk wegens niet betalen griffierecht
Verzoeker heeft een voorlopige voorziening gevraagd tegen het besluit van het CBR van 2 december 2025 waarbij zijn rijbewijs ongeldig werd verklaard wegens het niet tijdig betalen van opleggingskosten voor een cursus verantwoord rijgedrag.
Het CBR heeft op 11 december 2025 het bezwaar van verzoeker gegrond verklaard en de ongeldigverklaring van het rijbewijs opgeheven. Verzoeker heeft telefonisch aangegeven het verzoek om voorlopige voorziening te willen intrekken, maar heeft dit niet schriftelijk bevestigd.
De voorzieningenrechter stelt vast dat het griffierecht van €194,- niet binnen de gestelde termijn is betaald, ondanks een aangetekende brief waarin verzoeker werd verzocht dit alsnog te doen. Er is geen verontschuldiging voor het niet betalen van het griffierecht gegeven.
Daarom verklaart de voorzieningenrechter het verzoek om voorlopige voorziening kennelijk niet-ontvankelijk en beoordeelt het verzoek niet inhoudelijk. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het niet tijdig betalen van het griffierecht.