ECLI:NL:RBMNE:2026:771
Rechtbank Midden-Nederland
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Afwijzing zorgmachtiging voor betrokkene met schizo-typische persoonlijkheidsstoornis
De rechtbank Midden-Nederland behandelde op 3 februari 2026 het verzoek van de officier van justitie tot het verlenen van een zorgmachtiging voor betrokkene, die lijdt aan een schizo-typische persoonlijkheidsstoornis. Betrokkene leeft in afwijkende omstandigheden en verzorgt zichzelf slecht, maar vertoont geen psychotische klachten en is wilsbekwaam.
De medische verklaring en de toelichting van de behandelaar van het FACT-team bevestigen dat betrokkene geen medicatie behoeft en geen opname noodzakelijk is. De zorgmachtiging zou vooral dienen om contact te houden en ondersteuning te bieden. Hoewel de leefomstandigheden nadelig zijn voor betrokkene zelf, is onvoldoende aangetoond dat er ernstig nadeel voor anderen bestaat.
De rechtbank benadrukt het recht van betrokkene om zijn leven op eigen wijze in te richten en concludeert dat niet is voldaan aan de voorwaarden van de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg. Het verzoek wordt daarom afgewezen. De rechtbank uit tevens begrip voor de negatieve ervaring van betrokkene met eerdere zorg en hoopt op voortgezet contact met het FACT-team.
Uitkomst: Het verzoek tot zorgmachtiging wordt afgewezen omdat betrokkene wilsbekwaam is en onvoldoende ernstig nadeel voor anderen is vastgesteld.