ECLI:NL:RBMNE:2026:807
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Minister verklaart bezwaar ten onrechte niet-ontvankelijk wegens niet-ontvangen besluit
Eiseres, gedupeerde van de kinderopvangtoeslagaffaire, diende een aanvraag in bij Sociale Banken Nederland voor overname van schulden. Deze aanvraag werd gedeeltelijk afgewezen op 17 mei 2022. Eiseres maakte op 22 november 2023 bezwaar tegen dit besluit van 22 augustus 2024, maar de minister verklaarde het bezwaar niet-ontvankelijk wegens te late indiening, omdat de bezwaartermijn op 28 juni 2022 was verstreken.
Eiseres stelde dat zij het besluit nooit had ontvangen, waardoor zij het bezwaar te laat indiende. De rechtbank oordeelde dat de minister de ontvangst en correcte verzending van het besluit aannemelijk had moeten maken, maar dit niet had gedaan. Er was geen deugdelijke verzendadministratie overgelegd, noch was de minister op de zitting verschenen.
Daarom was het niet-ontvankelijk verklaren van het bezwaar onterecht en had de minister het bezwaar inhoudelijk moeten behandelen. De rechtbank verklaarde het beroep gegrond, vernietigde het bestreden besluit en droeg de minister op binnen zes weken een nieuw besluit te nemen met inachtneming van deze uitspraak.
Daarnaast werd de minister veroordeeld tot vergoeding van het griffierecht en proceskosten aan eiseres. De uitspraak werd mondeling gedaan op 2 oktober 2025 door rechter G. Schnitzler.
Uitkomst: De rechtbank vernietigt het besluit van de minister en draagt op tot een nieuw besluit vanwege het ontbreken van bewijs van ontvangst van het besluit door eiseres.