ECLI:NL:RBMNE:2026:817
Rechtbank Midden-Nederland
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voortzetting crisismaatregel wegens ondeugdelijke medische verklaring zonder tolk
Betrokkene verblijft onder een crisismaatregel bij GGz Centraal, afgegeven door de burgemeester van Amsterdam op 4 februari 2026. De officier van justitie verzoekt de rechtbank om verlenging van deze maatregel voor drie weken.
Tijdens de zitting op 6 februari 2026 is betrokkene gehoord met behulp van een Farsi-tolk, evenals een psychiater en een verpleegkundige van GGz Centraal. De rechtbank beoordeelt het verzoek aan de hand van de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg.
De rechtbank stelt vast dat betrokkene de Nederlandse taal onvoldoende beheerst en dat de medische verklaring niet is opgesteld met aanwezigheid van een tolk. Dit is in strijd met de Hoge Raad-criteria dat communicatie in een begrijpelijke taal moet plaatsvinden om een juiste medische beoordeling te waarborgen.
Daarom is de medische verklaring ondeugdelijk en voldoet het verzoek niet aan de wettelijke voorwaarden. De rechtbank wijst het verzoek tot voortzetting van de crisismaatregel af. Tegen deze beschikking staat cassatie open.
Uitkomst: Verzoek tot voortzetting van de crisismaatregel wordt afgewezen wegens ondeugdelijke medische verklaring zonder tolk.