Uitspraak
procederend met een toevoeging: nr. 2HB3046,
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Midden-Nederland
De werkneemster trad in 2007 in dienst bij de werkgever en beëindigde de arbeidsovereenkomst in augustus 2025 met wederzijds goedvinden vanwege langdurige arbeidsongeschiktheid. Partijen sloten een vaststellingsovereenkomst waarin afspraken over een transitievergoeding en overige vergoedingen werden vastgelegd. De werkneemster stelde dat de werkgever deze afspraken niet volledig was nagekomen.
De werkgever had een deel van de transitievergoeding betaald en dit verrekend met een lening van €6.000 die privé door een directeur aan de werkneemster was verstrekt. De kantonrechter oordeelde dat de werkgever deze lening niet mocht verrekenen met de transitievergoeding omdat de lening niet aan de werkgever toebehoorde.
Daarnaast had de werkneemster recht op uitbetaling van opgebouwde vakantietoeslag en verlofuren, welke de werkgever had toegezegd alsnog te betalen. De werkgever moest ook een positief geredigeerd getuigschrift verstrekken. Verzoeken om een specificatie en dwangsommen werden afgewezen. De werkgever werd veroordeeld tot betaling van de openstaande bedragen met wettelijke rente en tot vergoeding van de proceskosten.
Uitkomst: Werkgever wordt veroordeeld tot betaling van volledige transitievergoeding, vakantietoeslag, verlofuren en verstrekking van een positief getuigschrift met rente en proceskosten.