ECLI:NL:RBMNE:2026:906
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
CBR mocht rijvaardigheidsonderzoek opleggen op basis van politie-informatie
Deze bestuursrechtelijke zaak betreft het beroep van eiser tegen het door het CBR opgelegde onderzoek naar zijn rijvaardigheid. De politie had op 27 mei 2025 een vermoeden gemeld dat eiser niet meer voldeed aan de rijvaardigheidseisen, gebaseerd op eigen waarnemingen in een mutatierapport. Het CBR besloot daarop een onderzoek op te leggen, wat bij bezwaar werd gehandhaafd.
Eiser betwistte het besluit en stelde dat de politie onvoldoende rekening had gehouden met zijn rijomstandigheden, zoals duisternis en onbekende weg, waardoor zijn rijgedrag defensief was en niet onveilig. De rechtbank oordeelde echter dat het CBR in beginsel mocht uitgaan van de politie-informatie en dat eiser onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat deze informatie onjuist was.
De rechtbank benadrukte dat het onderzoek bedoeld is om duidelijkheid te verschaffen over de rijvaardigheid en dat het niet gaat om het vaststellen van gevaarzetting. Het beroep werd ongegrond verklaard, waardoor het opgelegde onderzoek blijft staan en eiser geen proceskostenvergoeding ontvangt.
Uitkomst: Het beroep van eiser tegen het door het CBR opgelegde rijvaardigheidsonderzoek is ongegrond verklaard.