Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.De zitting
- [verdachte] ;
- de advocaat van [verdachte] , mr. F. Visser;
- de officier van justitie, mr. M.M.L. Kalsbeek;
- de advocaat van de benadeelde partij [slachtoffer] , te weten mr. J. de Vries;
- de jeugdreclasseerder van SAVE, [A] .
2.De tenlastelegging
[slachtoffer] van het leven te beroven;
3.Het bewijs
de rechtbank begrijpt medeverdachte [medeverdachte 1]]. [3] Ik hoorde dat [medeverdachte 1] de voordeur opendeed. Ik zag vervolgens dat er drie personen in mijn woning waren gekomen. Ik zag dat deze personen bivakmutsen op hadden. Eén van deze personen liep op mij af en begon meteen op mij in te slaan. [4] Ik werd mishandeld in mijn woning. Ik zag dat een van de mannen spullen in een tas deed. Ik zag dat de man daarna mijn huis uit liep. Ik ben overal op mijn lichaam geslagen. Ik heb twee blauwe ogen, mijn bovenlip is kapot en ik heb meerdere bulten op mijn hoofd. [5]
de rechtbank begrijpt: [verdachte]]. Als eerste ging [medeverdachte 1] [
de rechtbank begrijpt: medeverdachte [medeverdachte 1]] uit de auto. Op een gegeven moment appte [medeverdachte 1] dat wij moesten komen. De bestuurder van de auto bleef in de auto achter. Ik pakte vapes uit de woonkamer. [7]
de rechtbank begrijpt: medeverdachte [medeverdachte 2]] zag ik op de grond twee volle doosjes vapes liggen. Ik zag dat dit de voorwerpen waren die de verdachte eerder droeg want ik herkende de vorm en kleuren. [8]
- een plastic verpakking van een vape van het merk JNR;
- een kartonnen verpakking van een vape van het merk JNR, batchnummer Y2M1D1-BT8500
de rechtbank begrijpt: de woning van de aangever] werden in de woonkamer zes vapes aangetroffen. De batchnummers van de vapes in de woning kwamen overeen met de verpakking van de vape die in de prullenbak werd aangetroffen. [9]
4.Bewezenverklaring
5.Kwalificatie en strafbaarheid
terwijl het feit wordt gepleegd door twee of meer verenigde personen.
6.Strafoplegging
29 oktober 2025, uitgebracht door [C] , reclasseringswerker. Hierin komt naar voren dat [verdachte] sinds de schorsing van zijn voorlopige hechtenis een positieve verandering in zijn gedrag heeft laten zien. Hij is niet opnieuw in aanraking gekomen met de politie en heeft op verschillende leefgebieden meer stabiliteit dan ten tijde van de ten laste gelegde feiten. [verdachte] gaat binnenkort starten met een behandeltraject bij [instelling] , gericht op (onder meer) weerbaarheid en het maken van pro-sociale keuzes. Hiernaast heeft [verdachte] ambulante begeleiding van [instelling] , die vooral gericht is op ondersteuning bij praktische hulpvragen. De reclassering schat het risico op recidive als gemiddeld in. Het baart de reclassering zorgen dat [verdachte] momenteel geen baan en structureel inkomen heeft en dat hij geen volledige openheid van zaken lijkt te geven over zijn motieven en keuzes ten tijde van de ten laste gelegde feiten. De reclassering adviseert om [verdachte] een (deels) voorwaardelijke straf met een aantal bijzondere voorwaarden op te leggen, namelijk:
7.In beslag genomen voorwerpen
9.Vordering tot tenuitvoerlegging
10.Toegepaste wetsartikelen
11.De beslissing
een jeugddetentie van 84 dagen;
algemene voorwaardendat verdachte:
bijzondere voorwaardendat verdachte:
mr. S.D. Groen en mr. S.T. Könning, (kinder)rechters, in tegenwoordigheid van mr. B.J. Molals griffier en is in het openbaar uitgesproken op 10 maart 2026.