ECLI:NL:RBNHO:2013:9090
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Veroordeling medeplegen invoer cocaïne te Schiphol met verworpen psychische overmacht
Op 2 juni 2013 heeft verdachte samen met anderen opzettelijk een hoeveelheid cocaïne binnen Nederland gebracht via Schiphol. Verdachte heeft tijdens de terechtzitting een bekennende verklaring afgelegd. Diverse bewijsmiddelen, waaronder camerabeelden, proces-verbalen van aanhouding en onderzoek naar de verdovende middelen, ondersteunen de bewezenverklaring.
De verdediging voerde psychische overmacht aan, stellende dat verdachte onder druk stond van een opdrachtgever en handlanger, waardoor hij geen weerstand kon bieden tegen het vervoeren van de cocaïne. De rechtbank oordeelde echter dat deze verklaring onvoldoende onderbouwd was en verwierp het beroep op psychische overmacht.
De rechtbank achtte bewezen dat verdachte ongeveer 410 gram cocaïne heeft ingevoerd, bestemd voor verdere verspreiding en handel, wat ernstige gezondheidsrisico's met zich meebrengt. Gelet op de ernst van het feit en de persoonlijke omstandigheden van verdachte, legde de rechtbank een gevangenisstraf van vijf maanden op, met aftrek van de tijd in voorarrest doorgebracht.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot vijf maanden gevangenisstraf voor medeplegen van invoer van circa 410 gram cocaïne.