Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
1.Ontstaan en loop van het geding
2.Tussen partijen vaststaande feiten
4. Profit retention and distribution policy
Rechtbank Noord-Holland
Eiseres, een beursgenoteerde tophoudster van een groot Europees concern, betaalde dividendbelasting over een terugbetaling vanuit de agioreserve aan haar aandeelhouders. De inspecteur wees bezwaar af, waarna eiseres beroep instelde bij de rechtbank Noord-Holland.
De kern van het geschil betrof de vraag of er sprake was van zuivere winst bij de terugbetaling vanuit de agioreserve, hetgeen bepalend is voor de heffing van dividendbelasting. Eiseres stelde dat er geen zuivere winst was en dat de uitkering onbelast moest blijven. De rechtbank verduidelijkte het begrip zuivere winst aan de hand van wetsgeschiedenis en concludeerde dat wettelijke reserves, ondanks hun niet-uitkeerbaarheid, wel tot de zuivere winst behoren.
De rechtbank oordeelde dat het zichtbare eigen vermogen van eiseres boven het gestorte kapitaal positief was en dat eiseres onvoldoende bewijs leverde voor negatieve stille reserves die het reële vermogen zouden drukken. Ook de beurskoers was niet doorslaggevend. De terugbetaling vanuit de agioreserve was daarom terecht belast met dividendbelasting. Het subsidiaire standpunt over EU-recht werd ingetrokken en het beroep ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep van eiseres tegen de dividendbelastingheffing over de terugbetaling vanuit de agioreserve wordt ongegrond verklaard.