ECLI:NL:RBNHO:2013:BZ0028
Rechtbank Noord-Holland
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Toewijzing omgangsregeling tussen biologische vader en kind ondanks verzet moeder
Partijen hadden een acht jaar durende affectieve relatie waaruit een kind is geboren. De relatie werd verbroken toen de moeder vijf maanden zwanger was. De vader heeft het kind enkele keren gezien en wil omgang, maar de moeder stond dit niet toe.
De vader startte een bodemprocedure voor erkenning, gezag en omgang. In kort geding werd beoordeeld of sprake is van een nauwe persoonlijke betrekking tussen vader en kind, zoals vereist voor omgang met een biologische, niet-juridische ouder. De rechtbank concludeerde dat de langdurige relatie, bewuste zwangerschap, eerdere omgang en gemaakte afspraken hiervoor voldoende zijn.
De moeder voerde verweer dat omgang niet in het belang van het kind zou zijn en dat de vader ongeschikt is, maar deze stellingen werden verworpen wegens gebrek aan bewijs en omdat het verweer te laat werd ingebracht. De rechtbank legde een omgangsregeling op en stelde een dwangsom in om naleving af te dwingen. Tevens werden partijen geadviseerd mediation te overwegen.
Uitkomst: De rechtbank wijst de omgangsregeling toe en legt een dwangsom op om naleving af te dwingen.