ECLI:NL:RBNHO:2013:BZ2271
Rechtbank Noord-Holland
- Wraking
- A.A.F. Donders
- J.J. Dijk
- J.I. de Vreese-Rood
- Rechtspraak.nl
Wraking rechter afgewezen wegens te late indiening en gebrek aan gegronde aanwijzingen
Verzoeker diende een wrakingsverzoek in tegen de rechter die de hoofdzaak behandelde, omdat hij zich beperkt voelde in het voordragen van zijn pleitnotitie en de rechter een vooringenomen houding zou hebben aangenomen. Het verzoek werd ongeveer twee weken na de zitting van 14 december 2012 ingediend, terwijl het op grond van de Algemene wet bestuursrecht binnen een kortere termijn had moeten gebeuren.
De rechtbank stelde vast dat het wrakingsverzoek te laat was ingediend, omdat verzoeker de feiten en omstandigheden die het verzoek onderbouwen reeds op de zitting kende. Er waren geen verzachtende omstandigheden die de overschrijding van de termijn konden rechtvaardigen. Daarnaast oordeelde de rechtbank dat de rechter zijn taak had uitgevoerd door de orde op de zitting te bewaken en verzoeker de gelegenheid te geven zijn beroep toe te lichten, zij het beperkt tot de relevante punten.
De rechtbank concludeerde dat er geen objectief gerechtvaardigde schijn van partijdigheid bestond en dat het wrakingsverzoek onvoldoende gegrond was. Daarom werd het verzoek niet-ontvankelijk verklaard en werd het proces in de hoofdzaak voortgezet zoals dat was ten tijde van het indienen van het wrakingsverzoek.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek is niet-ontvankelijk verklaard wegens te late indiening en onvoldoende grond voor wraking.