ECLI:NL:RBNHO:2013:BZ8532
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ontneming wederrechtelijk verkregen voordeel van ruim 619.000 euro na drugshandel en witwassen
De rechtbank Noord-Holland behandelde de vordering tot ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel van veroordeelde, die werd veroordeeld voor drugshandel, gewoontewitwassen en wapengebruik. De ontnemingsvordering werd gebaseerd op een kasopstelling die een onverklaarbaar vermogen van €598.614,- aantoonde over de periode 2002-2006.
De verdediging voerde aan dat de oude versie van artikel 36e Sr van toepassing was en dat het voordeel niet kon worden toegerekend aan bewezen strafbare feiten, mede vanwege vrijspraak van handel in drugs. De rechtbank oordeelde dat het voordeel ook uit soortgelijke en andere strafbare feiten kon voortkomen en dat de kasopstelling voldoende was onderbouwd. Casinowinst en opgegeven vermogen werden niet als legaal voordeel erkend.
De rechtbank wees het verzoek tot aanhouding af en stelde het bedrag vast op €619.502,89 inclusief rente. De lange procedure werd niet als onredelijk beschouwd, mede door uitstelverzoeken van de verdediging. De ontnemingsmaatregel werd opgelegd op grond van artikel 36e oud Sr.
Uitkomst: Veroordeelde is verplicht tot betaling van €619.502,89 ter ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel.