ECLI:NL:RBNHO:2013:BZ8955
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- W.J. van Brussel
- Rechtspraak.nl
Intrekking en terugvordering bijstandsuitkering wegens schending inlichtingenplicht
Eiser ontving bijstand in de vorm van een geldlening voor zijn koopwoning. Verweerder trok de bijstandsuitkering in per 1 juli 2011 vanwege schending van de inlichtingenplicht, omdat eiser niet had gemeld dat twee personen op zijn adres stonden ingeschreven. Eiser maakte bezwaar tegen de intrekking en de terugvordering van € 831,71.
De rechtbank oordeelde dat verweerder bevoegd was de uitkering in te trekken omdat eiser zijn mededelingsplicht had geschonden. Het niet melden van de gewijzigde woonsituatie maakte het recht op bijstand onduidelijk. De rechtbank verwierp het beroep tegen de intrekking en beëindiging van de uitkering.
Ten aanzien van de terugvordering stelde eiser dat de bijstand was verleend als geldlening en verweerder daarom niet bevoegd was tot terugvordering wegens schending van de inlichtingenplicht. De rechtbank volgde dit standpunt en vernietigde het terugvorderingsbesluit. Tevens werd het primaire besluit van 14 november 2011 herroepen. Verweerder werd veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: Intrekking bijstandsuitkering wordt gehandhaafd, terugvordering wordt vernietigd wegens onjuiste grondslag.