ECLI:NL:RBNHO:2013:CA1759
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bevoegdheid en compensatie bij vertraagde vlucht met rechtstreekse aansluitingen
De passagier sloot een vervoersovereenkomst met TAP Air voor een vlucht van Luanda naar Lissabon met aansluitende vlucht naar Amsterdam. De eerste vlucht had een vertraging van circa 30 minuten, waardoor de passagier zich niet tijdig kon melden voor de aansluitende vlucht. Hierdoor arriveerde hij met ongeveer zes uur vertraging in Amsterdam.
De passagier vorderde compensatie van €600 op grond van de EU Verordening 261/2004, welke TAP Air betwistte met het argument dat het om twee aparte vluchten ging en de Nederlandse rechter niet bevoegd was. De kantonrechter oordeelde echter dat de rechtbank Noord-Holland bevoegd is vanwege de eindbestemming Amsterdam en de rechtstreekse aansluitingen, conform het Rehder-arrest en het Air France / Folkerts arrest.
De kantonrechter stelde vast dat de passagier door de vertraging recht heeft op compensatie van €600 en veroordeelde TAP Air tot betaling hiervan met wettelijke rente. De vordering tot buitengerechtelijke incassokosten werd afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing. TAP Air werd veroordeeld in de proceskosten, met rente vanaf 14 dagen na betekening.
Uitkomst: TAP Air wordt veroordeeld tot betaling van €600 compensatie met wettelijke rente en proceskosten.