ECLI:NL:RBNHO:2013:CA2338
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- K.I. Oyunlu
- Rechtspraak.nl
Vertraging vlucht door technisch mankement geen buitengewone omstandigheid
De passagiers vorderden compensatie van Transavia vanwege een vluchtvertraging van meer dan drie uur op 14 september 2009 van Chania naar Amsterdam. Transavia verweerde zich onder meer met het argument dat de vertraging werd veroorzaakt door een technisch mankement aan het thrust reverser systeem, wat een buitengewone omstandigheid zou zijn die compensatie uitsluit.
De kantonrechter verwierp het verzoek tot aanhouding van de procedure en bevestigde dat het Sturgeon-arrest ook van toepassing is op vluchten vóór het arrest, waardoor passagiers recht op compensatie kunnen hebben bij langdurige vertragingen, tenzij sprake is van buitengewone omstandigheden. De rechtbank oordeelde dat technische mankementen inherent zijn aan de normale bedrijfsvoering van een luchtvaartmaatschappij en dus geen buitengewone omstandigheden vormen.
Transavia kon niet aantonen dat het mankement buiten de normale bedrijfsuitoefening viel of dat het niet voorkomen had kunnen worden. De vordering tot compensatie van € 800,- per passagier, wettelijke rente en buitengerechtelijke kosten werd toegewezen. Tevens werden proceskosten aan Transavia opgelegd. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: Transavia wordt veroordeeld tot betaling van compensatie wegens vluchtvertraging veroorzaakt door een technisch mankement dat geen buitengewone omstandigheid vormt.