ECLI:NL:RBNHO:2013:CA2681
Rechtbank Noord-Holland
- Wraking
- Rechtspraak.nl
Wraking toegewezen wegens schijn van vooringenomenheid door eerdere waarneming van beeldmateriaal
In deze zaak heeft de rechtbank Noord-Holland een wrakingsverzoek toegewezen dat was gericht tegen drie rechters. De wraking werd gevraagd omdat de rechtbank tijdens de strafzaak tegen verdachte een waarneming van bewakingsbeelden deelde die was gebaseerd op eerdere waarnemingen in een zaak tegen een medeverdachte. Deze beelden waren van slechte kwaliteit en waren herhaaldelijk bekeken tijdens de eerdere zitting.
De voorzitter van de rechtbank deelde tijdens de zitting tegen verdachte mee wat zij op de beelden had waargenomen, zonder dat verdachte of diens raadsman zich daarover hadden kunnen uitlaten. Dit wekte de schijn dat de rechtbank reeds een oordeel had gevormd, wat aanleiding gaf tot het wrakingsverzoek.
De rechtbank oordeelde dat hoewel rechters voorafgaand aan een zitting beeldmateriaal mogen bekijken, de waarneming daarvan ter zitting moet plaatsvinden zodat partijen zich kunnen uitlaten. Door de mededeling van een eerdere waarneming zonder voorafgaand hoor en wederhoor was de schijn van vooringenomenheid gewekt. Dit vormde een uitzonderlijke omstandigheid die het wrakingsverzoek toewijsbaar maakte.
De rechtbank wees het wrakingsverzoek toe en bepaalde dat hiervan een gewaarmerkt afschrift aan de betrokken partijen zou worden toegezonden. Tegen deze beslissing staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Wrakingsverzoek toegewezen wegens schijn van vooringenomenheid door eerdere waarneming van beeldmateriaal.