ECLI:NL:RBNHO:2013:CA3922
Rechtbank Noord-Holland
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening bij afwijzing Wwb-uitkering wegens onduidelijke woonplaats
Verzoeker heeft een aanvraag ingediend voor een uitkering op grond van de Wet werk en bijstand (Wwb), welke door verweerder is afgewezen omdat verzoeker niet aannemelijk heeft gemaakt dat hij zijn hoofdverblijf heeft op het opgegeven adres in Haarlem.
Tijdens de zitting is gebleken dat verzoeker veelvuldig verblijft bij familieleden in andere plaatsen en dat de woning in Haarlem ongeschikt is verklaard door verzoeker zelf. Ook bleef onduidelijk waar zijn persoonlijke bezittingen zich bevinden. Verweerder heeft een huisbezoek geprobeerd af te leggen, maar verzoeker werkte hier niet aan mee.
De voorzieningenrechter concludeert dat verzoeker onvoldoende duidelijkheid heeft verschaft over zijn woonplaats en dat het bezwaar tegen het primaire besluit geen redelijke kans van slagen heeft. Daarom wordt het verzoek om een voorlopige voorziening afgewezen.
Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd en tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat verzoeker zijn woonplaats in Haarlem niet aannemelijk heeft gemaakt.