Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
[verzoeker], te[woonplaats], verzoeker,
,werkzaam bij het CBR.
Rechtbank Noord-Holland
Verzoeker is aangehouden met een ademalcoholgehalte van 625 µg/l en kreeg een alcoholslotprogramma (ASP) opgelegd door het CBR. Hij stelde dat het opleggen van het ASP neerkomt op dubbele vervolging en dat het gebruik van het alcoholslot zijn vrijheid onnodig beperkt en gevaarlijk is.
De voorzieningenrechter oordeelt dat een voorlopige voorziening niet geschikt is om te beoordelen of het ASP een strafrechtelijke sanctie is in de zin van het EVRM. Ook acht hij het beroep van verzoeker op dit punt niet kansrijk. De brief van de minister van Infrastructuur en Milieu waarin zij het ASP-beleid aanpast, leidt niet tot strijdigheid met het besluit over verzoeker, omdat zijn situatie anders is.
Verder weegt de voorzieningenrechter het algemeen belang van verkeersveiligheid zwaarder dan de persoonlijke belangen van verzoeker. Het gebruik van het alcoholslot, hoewel beperkend en mogelijk stressvol, is niet onredelijk en leidt niet tot gevaarlijke situaties. Het verzoek om voorlopige voorziening wordt daarom afgewezen.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen het alcoholslotprogramma wordt afgewezen.