Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
HET VERLOOP VAN DE PROCEDURE
DE BEHANDELING VAN DE ZAAK
DE BESLISSING
- [minderjarige], geboren op [geboortedatum] te [geboorteplaats];
- [minderjarige], geboren op [geboortedatum] te [geboorteplaats].
Rechtbank Noord-Holland
De moeder verzocht de rechtbank om de tijdelijke voogdijmaatregel te beëindigen en het gezag over haar minderjarige kinderen te herstellen nadat haar onder curatelestelling was opgeheven. De minderjarigen verbleven bij de moeder, maar vanwege haar onder curatelestelling was de oma benoemd tot voogd.
De rechtbank constateerde dat de moeder sinds de opheffing van de onder curatelestelling bevoegd is om het gezag uit te oefenen en dat de grond voor haar onbevoegdheid is vervallen. Zowel de oma als de vader van de minderjarigen stemden in met het verzoek van de moeder, en de Raad voor de Kinderbescherming had geen bezwaar.
Op basis van de stukken en de mondelinge behandeling oordeelde de rechtbank dat het in het belang van de minderjarigen is dat het gezag aan de moeder wordt hersteld. De beschikking van 24 oktober 2012, waarbij de oma tot voogd was benoemd, werd gewijzigd en de moeder werd (wederom) belast met het gezag over haar kinderen.
Uitkomst: De moeder wordt hersteld in het ouderlijk gezag over haar minderjarige kinderen.