Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
[X], gevestigd te[Z], eiseres,
1.Ontstaan en loop van het geding
2.Tussen partijen vaststaande feiten
3.1.1. Administratie
Rechtbank Noord-Holland
De rechtbank Noord-Holland behandelde het beroep van een vennootschap onder firma en haar drie vennoten tegen een informatiebeschikking van de Belastingdienst. De beschikking had betrekking op naheffingsaanslagen omzetbelasting, loonbelasting en inkomstenbelasting over 2008 en 2009. De inspecteur had een boekenonderzoek uitgevoerd, maar kon de volledigheid van de omzet niet verifiëren vanwege het ontbreken van digitale brongegevens door storingen in het kassasysteem.
De rechtbank stelde vast dat de informatiebeschikking een ondeelbare beschikking is die zowel voor de vennootschap als voor de vennoten geldt. De vennootschap had door het verlies van digitale bestanden, dagstaten en fooienlijsten niet voldaan aan de administratieplicht uit artikel 52 AWR Pro, waardoor controle op de omzet niet mogelijk was. De stelling van overmacht wegens computerstoringen werd verworpen omdat de administratieplicht ook inhoudt dat de administratie adequaat moet worden beveiligd.
Het beroep werd ongegrond verklaard. De rechtbank wees erop dat de gevolgen van het niet bewaren van de administratie voor rekening van de vennootschap en vennoten blijven. De inspecteur handelde niet onredelijk door de informatiebeschikking te handhaven. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. Partijen werd gewezen op de mogelijkheid tot hoger beroep bij het gerechtshof Amsterdam.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt dat de informatiebeschikking terecht is genomen wegens niet-naleving van de administratieplicht.