Uitspraak
Naar het oordeel van de rechtbank is niet wettig en overtuigend bewezen hetgeen aan verdachte ten laste is gelegd en moet hij daarvan worden vrijgesproken. De rechtbank overweegt daartoe als volgt.
Rechtbank Noord-Holland
De rechtbank Noord-Holland behandelde de zaak tegen verdachte die werd verdacht van witwassen van twee contante geldbedragen van €14.775 en €33.000, aangetroffen tijdens een controle op luchthaven Schiphol op 10 januari 2012. Verdachte had geen aangifte gedaan en kon aanvankelijk geen documenten tonen over de herkomst van het geld, wat het vermoeden van witwassen rechtvaardigde.
De officier van justitie vorderde bewezenverklaring van het feit enkel met betrekking tot het bedrag van €33.000. De rechtbank oordeelde echter dat verdachte een concrete, verifieerbare en niet op voorhand hoogst onwaarschijnlijke verklaring had gegeven voor beide bedragen. Het eerste bedrag zou voortkomen uit contante verkopen van zijn twee bedrijven, hetgeen werd ondersteund door bedrijfsadministratie en een e-mail van de boekhouder over kasgeld.
Het tweede bedrag zou zijn geleend van familie en vrienden, met vijf leenovereenkomsten en bevestigingen van drie getuigen die onder ede verklaarden dat zij geld aan verdachte hadden geleend. Hoewel er enkele vragen waren over de verklaringen, vond de rechtbank geen reden deze te verwerpen. Het Openbaar Ministerie had geen aanvullend onderzoek gedaan naar de overige bedragen.
Gelet op deze feiten was het vermoeden van illegale herkomst voldoende ontzenuwd en ontbrak wettig en overtuigend bewijs voor witwassen. De rechtbank sprak verdachte vrij en gelastte de teruggave van het in beslag genomen geld en goederen.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken van witwassen en krijgt de in beslag genomen goederen en geld terug.