ECLI:NL:RBNHO:2014:6685
Rechtbank Noord-Holland
- Wraking
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wrakingsverzoek rechter-commissaris na afwijzing uitstel getuigenverhoor
In deze zaak verzochten twee gedetineerden wraking van de rechter-commissaris na afwijzing van hun verzoek om het verhoor van een cruciale getuige uit te stellen. De verdediging stelde dat zij onvoldoende tijd had om de getuige adequaat voor te bereiden vanwege onvolledige en mogelijk onjuiste proces-verbaalverslagen en recent verstrekte audio-opnames.
De rechter-commissaris wees het verzoek tot uitstel af, waarna de verdediging wraking aanvroeg wegens vermeende schending van het recht op een eerlijk proces. De wrakingskamer behandelde het verzoek en oordeelde dat een dergelijke procesbeslissing geen reden tot wraking is, tenzij sprake is van vooringenomenheid of objectieve twijfel aan onpartijdigheid.
De verzoekers stelden geen feiten of omstandigheden die wijzen op vooringenomenheid, noch konden zij objectieve twijfel aan onpartijdigheid aantonen. De wrakingskamer concludeerde dat het wrakingsverzoek tijdig was ingediend maar inhoudelijk ongegrond, omdat het verzoek feitelijk een heroverweging van een procesbeslissing betrof die alleen in de hoofdzaak of hoger beroep kan worden getoetst.
De rechtbank wees het wrakingsverzoek af en beval voortzetting van de hoofdzaak in de oorspronkelijke stand. Tegen deze beslissing is geen rechtsmiddel mogelijk.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen de rechter-commissaris wordt afgewezen wegens gebrek aan grond voor partijdigheid.