Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
1.Procesverloop
2.Het standpunt van verzoeker
.Hiervoor acht hij allereerst redengevend dat de rechter bij aanvang van de behandeling van de hoofdzaak heeft aangegeven dat de behandeling slechts 45 minuten kon duren. Dit in tegenstelling tot de 60 minuten die in de uitnodiging voor de zitting stonden vermeld. Voorts greep de rechter niet in toen de wederpartij in de hoofdzaak een ongepaste opmerking maakte naar verzoeker. Tot slot acht verzoeker van belang dat de rechter ter zitting heeft aangegeven dat het “maar een voorlopige voorziening betrof”.