ECLI:NL:RBNHO:2014:9050

Rechtbank Noord-Holland

Datum uitspraak
23 september 2014
Publicatiedatum
25 september 2014
Zaaknummer
AWB - 14 _ 1580
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Bestuursrecht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Voorlopige voorziening
Rechters
  • A.C. Terwiel - Kuneman
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 130 Wvw 1994Art. 8 Wvw 1994
Verwijzingen
4 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Schorsing ongeldigverklaring rijbewijs en opleggen alcoholslotprogramma aan 71-jarige first offender

De zaak betreft een verzoek tot voorlopige voorziening tegen het besluit van het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen (CBR) om het rijbewijs van verzoeker ongeldig te verklaren en hem een alcoholslotprogramma op te leggen. Dit besluit volgde op een mededeling van de politie dat verzoeker had geweigerd mee te werken aan een ademtest na een verkeersovertreding.

Verzoeker, een 71-jarige man met diabetes en een charcot voet, kon niet op de vereiste wijze blazen en voelde zich onder druk gezet tijdens het politieonderzoek. Zijn vriendin bevestigde dat verzoeker om een bloedproef had gevraagd vanwege zijn medische situatie. De voorzieningenrechter achtte het redelijk geweest om de bloedproef mogelijk te maken.

Gezien de medische omstandigheden en het belang van verzoeker om zijn auto te blijven gebruiken, werd het belang van verzoeker zwaarder geacht dan het algemeen belang van verkeersveiligheid. Daarom werd het primaire besluit geschorst tot zes weken na de beslissing op bezwaar, met vergoeding van griffierecht en proceskosten aan verzoeker.

Uitkomst: Het primaire besluit tot ongeldigverklaring van het rijbewijs en opleggen van het alcoholslotprogramma is geschorst.

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-HOLLAND

Zittingsplaats Alkmaar
Bestuursrecht
zaaknummer: ALK 14/1580
proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de voorzieningenrechter van 23 september 2014 in de zaak tussen

[naam], te [woonplaats], verzoeker

(gemachtigde: mr. O.H. Minjon),
en

de directie van het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen (CBR), verweerder

(gemachtigde: mr. J.J. Kwant).

Procesverloop

Bij besluit van 6 augustus 2014 (het primaire besluit) heeft verweerder het rijbewijs van verzoeker voor de categorie B ongeldig verklaard en hem een alcoholslotprogramma (verder: ASP) opgelegd.
Verzoeker heeft tegen het primaire besluit bezwaar gemaakt. Verzoeker heeft de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.
Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 23 september 2014. Verzoeker is verschenen, bijgestaan door zijn gemachtigde. Tevens was aanwezig mr. T.F. Posch. Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde.
Na afloop van de zitting heeft de voorzieningenrechter onmiddellijk uitspraak gedaan.

Beslissing

De voorzieningenrechter:
- schorst het primaire besluit tot zes weken na bekendmaking van de beslissing op bezwaar;
  • draagt verweerder op het betaalde griffierecht van € 165,- aan verzoeker te vergoeden;
  • veroordeelt verweerder in de proceskosten van verzoeker tot een bedrag van € 974,-.

Overwegingen

1.
Het oordeel van de voorzieningenrechter heeft een voorlopig karakter en bindt de rechtbank in een (eventueel) bodemgeding niet.
2.
Het CBR heeft het besluit genomen naar aanleiding van een mededeling van de regiopolitie Noord-Holland Noord van 9 juli 2014, als bedoeld in artikel 130, eerste lid, van de Wvw 1994. Volgens die mededeling heeft verzoeker op 6 juli 2014 geweigerd mee te werken aan een onderzoek, als bedoeld in artikel 8, tweede of derde lid, van de Wvw 1994.
3.
Hier ligt voor: een verzoek om schorsing van het besluit 6 augustus 2014 van een 71 jarige verzoeker, first offender. Uit het proces-verbaal komt naar voren dat hem is verzocht te blazen na verkeersovertreding en dat hij naar drank rook. Verbalisanten hebben meer dan eens geprobeerd om hem te laten blazen zoals zij hem voorhielden zoals hij moest doen. In twee etappes: buiten en op bureau. Verzoeker heeft niet geblazen op de vereiste manier. Verbalisanten hebben op basis van verzoekers houding geconstateerd dat hij medewerking aan het blazen weigerde.
4.
Verzoeker heeft laten optekenen dat hij het probeerde, maar geen lucht kreeg. Ter zitting heeft hij verslag gedaan van het gebeuren in het politiebureau en hoe hij zich voelde. Hij voelde zich gestrest en gegriefd en onder druk gezet. Tijdens de zitting gaf hij wederom blijk van die gevoelens. Een vriendin, met name bekend in dossier, heeft verzoeker van het politiebureau opgehaald. Zij heeft ook verklaard over de situatie zoals zij nog een stukje heeft meegemaakt. Uit die verklaring is op te maken dat verzoeker heeft verzocht om een bloedproef, dat hij diabetes heeft, en dat hij zijn medicijnen moest nemen omdat hij er slecht uitzag. Naar het oordeel van de voorzieningenrechter had het in deze situatie in de rede gelegen om de bloedproef waarom verzocht was, mogelijk te maken.
5.
Dit leidt tot de volgende belangenafweging. De strafzitting zal plaatsvinden op 30 september 2014 te Alkmaar. Verzoeker heeft aangevoerd dat hij vanwege zijn diabetes en afgelegen woonplek zijn auto nodig heeft. Door zijn charcot voet kan hij nog geen 100 meter lopen en niet fietsen. Daarbij is op dit moment veel te doen over werking van het alcoholslot apparaat. Dat leidt op dit moment tot toewijzing van de voorlopige voorziening waarbij het besluit van 6 augustus 2014 wordt geschorst omdat op dit moment verzoekers belangen zwaarder wegen dan het algemeen belang van de verkeersveiligheid.
6.
Omdat de voorzieningenrechter het verzoek toewijst, bepaalt de voorzieningenrechter dat verweerder aan verzoeker het door hem betaalde griffierecht vergoedt.
7.
De voorzieningenrechter veroordeelt verweerder in de door verzoeker gemaakte proceskosten. Deze kosten stelt de voorzieningenrechter op grond van het Besluit proceskosten bestuursrecht voor de door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand vast op € 974,- (1 punt voor het indienen van het verzoekschrift, 1 punt voor het verschijnen ter zitting, met een waarde per punt van € 487,- en een wegingsfactor 1).
Deze uitspraak is gedaan door mr. A.C. Terwiel - Kuneman, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van drs. M.A.J. Arts, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 23 september 2014.
griffier voorzieningenrechter
Afschrift verzonden aan partijen op:

Rechtsmiddel

Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.