Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
1.Tenlastelegging
2.Voorvragen
3.Bewijs
hij op 6 oktober 2014, te Hoorn, tezamen en in vereniging met een ander, vis, te weten 63 stuks snoekbaars, elk van een kleinere afmeting dan 42
hij op tijdstippen gelegen in de periode van 12 januari 2015 tot en met 13 januari 2015, te Amsterdam en Diemen en Lelystad, in het IJsselmeer, onder andere langs de kustlijn gelegen tussen de Ketelbrug en Amsterdam en langs de dijk van Muiden tot Uitdam (binnen de gemeenten Diemen en Amsterdam) en langs de dijk tussen de jachthaven Flevo Marina en de Maxima elektriciteitscentrale (binnen de gemeente Lelystad), heeft gevist met in totaal 53, in elk geval een of meer grote fuiken;
hij op 10 februari 2015, te Amsterdam en Diemen en Lelystad, in het IJsselmeer, onder andere langs de kustlijn gelegen tussen de Ketelbrug en
4.Kwalificatie en strafbaarheid van de feiten
5.Strafbaarheid van verdachte
6.Motivering van de sancties
7.Vermogensmaatregel
8.Toepasselijke wettelijke voorschriften
9.Beslissing
€ 7500,-bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door 72 dagen hechtenis, met bevel dat een gedeelte daarvan, groot € 3000,- bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door 40 dagen hechtenis,
nietzal worden ten uitvoer gelegd tenzij de rechter later anders mocht gelasten op grond dat verdachte voor het einde van de op drie jaren bepaalde proeftijd zich aan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt.
€ 1000,-bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door 20 dagen hechtenis.
€ 1000,-bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door 20 dagen hechtenis, met bevel dat deze straf
nietzal worden ten uitvoer gelegd tenzij de rechter later anders mocht gelasten op grond dat verdachte voor het einde van de op drie jaren bepaalde proeftijd zich aan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt.
€ 1000,-bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door 20 dagen hechtenis, met bevel dat deze straf
nietzal worden ten uitvoer gelegd tenzij de rechter later anders mocht gelasten op grond dat verdachte voor het einde van de op drie jaren bepaalde proeftijd zich aan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt.