ECLI:NL:RBNHO:2015:11990
Rechtbank Noord-Holland
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening inzake ligplaats schepen in 1ste Rijksbinnenhaven en toepassing artikel 7.01 Bpr
Verzoekers werden door de minister van Infrastructuur en Milieu gelast hun schepen uit de 1ste Rijksbinnenhaven te verwijderen wegens overtreding van artikel 7.01 van het Binnenvaartpolitiereglement (Bpr), omdat deze het vaarwater zouden belemmeren. Verzoekers maakten bezwaar en vroegen om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter oordeelde dat met uitzondering van het schip direct aan de steiger, de overige schepen in het vaarwater lagen en daarmee de scheepvaart belemmerden. Voor het schip aan de steiger geldt geen aanlegverbod, waardoor geen overtreding van artikel 7.01 Bpr is vastgesteld.
De voorzieningenrechter wees het verzoek om voorlopige voorziening af voor de schepen die het vaarwater belemmeren, maar schorst het besluit voor het schip aan de steiger tot zes weken na de beslissing op bezwaar. Tevens werd verweerder veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten. Het verzoek om voorlopige voorziening is daarmee deels toegewezen.
Uitkomst: Het besluit tot verwijdering van het schip direct aan de steiger is geschorst, overige verzoeken om voorlopige voorziening worden afgewezen.