ECLI:NL:RBNHO:2016:3749
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot nihilstelling kinderbijdrage bij aanvraag minnelijke schuldsanering
Partijen zijn gehuwd geweest en hebben twee minderjarige kinderen die bij de vrouw verblijven. In de echtscheidingsbeschikking is bepaald dat de man een maandelijkse kinderbijdrage betaalt. De man verzocht de rechtbank om deze bijdrage met ingang van het verzoek op nihil te stellen vanwege zijn gewijzigde financiële situatie en een aanvraag voor een minnelijke schuldsanering.
De vrouw verzet zich tegen dit verzoek en stelt dat er geen relevante wijziging van omstandigheden is en dat de man zijn financiële problemen deels zelf heeft veroorzaakt. Zij wijst ook op de afspraken over de woning en de toegenomen schulden.
De rechtbank overweegt dat een aanvraag voor minnelijke schuldsanering een toekomstige en onzekere omstandigheid is en daarom geen grond vormt voor wijziging van de kinderbijdrage. Het verzoek wordt afgewezen om te voorkomen dat de kinderbijdrage op nihil wordt gesteld terwijl de toelating tot de regeling onzeker is.
De beschikking is gegeven door rechter M.E. Allegro en is openbaar uitgesproken op 11 mei 2016. Tegen deze beschikking kan hoger beroep worden ingesteld binnen drie maanden.
Uitkomst: Het verzoek tot nihilstelling van de kinderbijdrage wordt afgewezen omdat de aanvraag voor minnelijke schuldsanering geen relevante wijziging van omstandigheden vormt.