Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
Alugevel Castricum B.V.,
Rechtbank Noord-Holland
De werknemer trad op 17 augustus 2015 in dienst bij de werkgever met een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd die van rechtswege eindigde op 17 februari 2016. De werkgever stuurde een brief van 4 januari 2016 waarin zij stelde de arbeidsovereenkomst niet te verlengen, maar deze brief is niet aangetekend verzonden en de werknemer betwistte ontvangst.
De kantonrechter oordeelde dat de werkgever niet had voldaan aan de aanzegverplichting van artikel 7:668 lid 1 BW Pro, omdat de brief niet tijdig en schriftelijk was ontvangen. De brief van 22 januari 2016, die wel door de werknemer was ontvangen, kwam te laat en verwees niet naar eerdere aanzeggingen.
De werkgever werd veroordeeld tot betaling van een aanzegvergoeding van €958,57 bruto en wettelijke rente vanaf 17 januari 2016, alsmede de proceskosten van €279. De beschikking werd uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: Werkgever is veroordeeld tot betaling van aanzegvergoeding van €958,57 bruto met wettelijke rente en proceskosten wegens niet tijdige schriftelijke aanzegging.