Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
De Speer Uitzendbureau B.V.
Rechtbank Noord-Holland
De Speer Uitzendbureau B.V. verzocht de ontbinding van de arbeidsovereenkomst met [de werknemer] op grond van het vervallen van de arbeidsplaats wegens beëindiging van de werkzaamheden van de onderneming. De werknemer stelde zich op het standpunt dat sprake was van overgang van onderneming naar De Speer Personeelsdiensten B.V., waardoor zij niet langer in dienst was bij De Speer.
De rechtbank onderzocht de feiten en omstandigheden, waaronder de continuïteit van bedrijfsactiviteiten, personeel, leiding, locatie en communicatiegegevens. Er werd vastgesteld dat De Speer en Personeelsdiensten dezelfde of soortgelijke activiteiten uitoefenden, op hetzelfde adres gevestigd waren, feitelijk onder dezelfde leiding stonden en dat een substantieel deel van het personeel was overgegaan naar Personeelsdiensten.
Op grond van deze feiten concludeerde de rechtbank dat sprake was van overgang van onderneming in de zin van artikel 7:662 BW Pro, waardoor de rechten en plichten uit de arbeidsovereenkomst overgingen op Personeelsdiensten. De Speer was daarom niet langer werkgever en haar verzoek tot ontbinding werd niet-ontvankelijk verklaard. De proceskosten werden aan De Speer opgelegd.
Uitkomst: Verzoek tot ontbinding arbeidsovereenkomst afgewezen wegens overgang van onderneming.