Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
1.Tenlastelegging
2.Voorvragen
3.Bewijs
- de bekennende verklaring van [verdachte] ter terechtzitting van 3 oktober 2016 afgelegd;
- het proces-verbaal van bevindingen d.d. 30 september 2015 (ZD01.01. dossierpagina’s 107-108);
- het proces-verbaal sporenonderzoek d.d. 20 oktober 2015 (FO.01. dossierpagina 29);
- een schriftelijk bescheid, te weten het NFI rapport ‘Pathologie onderzoek naar aanleiding van een mogelijk niet natuurlijke dood’ d.d. 18 januari 2016, opgemaakt door V. Soerdjbalie-Maikoe (FO.01. dossierpagina’s 257-266).
4.Kwalificatie en strafbaarheid van het feit
medeplegen van een lijk verbergen, wegvoeren en wegmaken met het oogmerk om het feit en de oorzaak van het overlijden te verhelen.
5.Strafbaarheid van verdachte
6.Motivering van de sanctie
7.Vorderingen benadeelde partijen en schadevergoedingsmaatregel
‘victim’ means:
- i)
- ii)
€ 818,97(in het gevorderde totaalbedrag reiskosten strafzaak van € 1.042,03 zijn abusievelijk ook de reiskosten uitvaart van in totaal € 280,49 opgenomen) zijn goed onderbouwd, door de officier van justitie ter zitting erkend als redelijke kosten – wat door de rechtbank wordt onderschreven – en zullen daarom worden toegewezen.
€ 888,49zijn goed onderbouwd, door de officier van justitie ter zitting erkend als redelijke kosten – wat door de rechtbank wordt onderschreven – en zullen daarom worden toegewezen.
“op enig moment” namens [A] ook een vordering benadeelde partij zou indienen. Deze opgave is uiteindelijk gedaan aan het slot van het pleidooi op 12 oktober 2016 in de strafzaak tegen [A] . Op dat moment was het pleidooi in de zaak van [verdachte] al gevoerd en had [verdachte] daarin ook het laatste woord gevoerd.
8.Toepasselijke wettelijke voorschriften
9.Beslissing
8 [acht] maanden.
[C] , [BSN] ,gevorderde schade van € 893,20 ter zake van de kosten voor het bijwonen van de strafzaak in hoger beroep;
[C] , [BSN] ,ten laste van de Staateen vergoeding toe van
€ 818,97(zegge: achthonderdachttien euro en zevenennegentig cent), wegens reis- en verblijfkosten als nabestaande van slachtoffer [S] , gemaakt in de strafzaken met parketnummers 15/860178-15, 15/86022615 en 15/860240-15;
[T] ,gevorderde schade van € 524,44 ter zake van de kosten voor het bijwonen van de strafzaak in hoger beroep;
[T] , [BSN] ,ten laste van de Staateen vergoeding toe van
€ 888,49(zegge: achthonderdachtentachtig euro en negenenveertig cent), wegens reis- en verblijfkosten als nabestaande van slachtoffer [S] , gemaakt in de strafzaken met parketnummers 15/860178-15, 15/86022615 en 15/860240-15;