Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 27 oktober 2016 in de zaak tussen
[eiser] , te [woonplaats] , eiser
het college van burgemeester en wethouders van Alkmaar, verweerder
Procesverloop
Overwegingen
“Eind 2010 zijn onze baliemedewerkers getraind op het signaleren van melden van uitbuiting. Een dertigtal mededelingen binnen 3 maanden laat zien dat deze gemeentelijke medewerkers, die dagelijks contact hebben met bijvoorbeeld Oost-Europese migranten, in staat zijn om signalen van uitbuiting te herkennen”.
Ook heeft verweerder overtuigend gemotiveerd dat het meldpunt onder het beheer van de politie viel, hetgeen ter zitting ook is bevestigd door de politie. Er is geen grond voor het oordeel dat het standpunt van verweerder onjuist is. De enkele betwisting van eiser, zonder een nadere onderbouwing, is daartoe onvoldoende. Daar komt bij dat de politie heeft erkend te beschikken over dat dertigtal meldingen, hetgeen de rechtbank kan bevestigen na kennisname in het kader van zaak HAA 16/2795 van de door de politie geheimgehouden stukken.
De rechtbank volgt eiser niet in zijn betoog ter zitting dat verweerder zijn Wob-verzoek ten onrechte heeft beperkt tot de stukken die zien op het dertigtal meldingen. Zoals ook uit de voorgaande overwegingen blijkt, is verweerder in het primaire besluit ingegaan op alle vijf onderdelen van het Wob-verzoek. Eiser is in bezwaar uitsluitend opgekomen tegen de weigering van openbaarmaking van de dertig meldingen, zodat verweerder zich in het bestreden besluit daartoe kon beperken.