ECLI:NL:RBNHO:2017:11168
Rechtbank Noord-Holland
- Op tegenspraak
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot vaststelling beslagvrije voet wegens ontbreken belang
De zaak betreft een verzoek van eiser om deurwaarder Van der Voort te veroordelen tot vaststelling van een beslagvrije voet over de jaren 2014 tot en met 2017. De kantonrechter oordeelt dat dit verzoek niet volgens de juiste procedure is ingediend, maar behandelt het verzoek toch om partijen tegemoet te komen.
Eiser woont samen met zijn echtgenote, beiden ouder dan 65 jaar, waardoor de beslagvrije voet €1.364,00 bedraagt. De deurwaarder stelde de beslagvrije voet echter op nihil vanwege onvoldoende informatie over het inkomen van eiser. De kantonrechter wijst dit af en stelt dat bij onvoldoende informatie de beslagvrije voet volgens wettelijke regels gehalveerd moet worden, maar nooit op nul.
Desondanks wijst de kantonrechter het verzoek af omdat eiser geen belang heeft bij de vaststelling van de beslagvrije voet. Het daadwerkelijke beslag is lager dan het toegestane bedrag en vaststelling levert dus geen voordeel op. Bovendien gaat eiser het vooral om duidelijkheid over schulden, wat buiten het bestek van deze procedure valt. Partijen dragen ieder hun eigen proceskosten.
Uitkomst: Verzoek tot vaststelling van de beslagvrije voet wordt afgewezen wegens gebrek aan belang.