ECLI:NL:RBNHO:2017:1166
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- M.H.L.C. Bijvoet
- Rechtspraak.nl
Vernietiging boete motorrijtuigenbelasting wegens ontbreken kennisgeving uiterste betaaldatum
Eiser werd geconfronteerd met een naheffingsaanslag motorrijtuigenbelasting en een boete wegens niet tijdig betalen over het tijdvak 24 juli 2015 tot en met 23 oktober 2015. De boete werd gehandhaafd door de inspecteur, waarna eiser beroep instelde bij de rechtbank Noord-Holland.
De kern van het geschil betrof de vraag of de boete terecht was opgelegd, waarbij eiser stelde dat hij geen rekening met een uiterste betaaldatum had ontvangen en daardoor niet in de gelegenheid was gesteld tijdig te betalen. De rechtbank overwoog dat hoewel de wet niet vereist dat voorafgaand aan een naheffing een rekening wordt gestuurd, het Besluit Bestuurlijke Boeten Belastingdienst voorschrijft dat voor het opleggen van een boete wegens niet tijdig betalen de belastingplichtige wel middels een rekening of anderszins op de hoogte moet zijn gesteld van de uiterste betaaldatum.
Verweerder kon niet aannemelijk maken dat de rekening daadwerkelijk was verzonden of ontvangen. Hierdoor was niet voldaan aan de voorwaarde voor het opleggen van de boete. De rechtbank verklaarde het beroep gegrond, vernietigde de boetebeschikking en bepaalde dat deze uitspraak in de plaats treedt van het vernietigde besluit. Het beroep tegen de naheffingsaanslag werd niet-ontvankelijk verklaard omdat daartegen geen bezwaar was gemaakt.
De rechtbank wees tevens het betaalde griffierecht aan eiser toe en wees erop dat hoger beroep mogelijk is bij het gerechtshof Amsterdam.
Uitkomst: De boetebeschikking motorrijtuigenbelasting wordt vernietigd wegens het ontbreken van kennisgeving van de uiterste betaaldatum.