Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
1.Procedure
2.Feiten en omstandigheden
3.Verzoek
4.Verweer en zelfstandig verzoek
5.Beoordeling
6.Beslissing
PRO FORMAaan tot
10 juli 2017, in afwachting van rapport en advies van de Raad;
Rechtbank Noord-Holland
De man verzocht de rechtbank om een co-ouderschapsregeling waarbij de minderjarigen om de week bij hem verblijven en de hoofdverblijfplaats van een van de minderjarigen bij hem wordt gevestigd. Tevens verzocht hij om aanpassing van de kinderbijdrage. De vrouw, de gezinsvoogd en de Raad voor de Kinderbescherming waren tegen dit verzoek.
De rechtbank constateerde dat het zwaartepunt van de verzorging bij de vrouw ligt en dat er onvoldoende communicatie en overleg is tussen de ouders, wat essentieel is voor een succesvolle co-ouderschapsregeling. Ook bleek uit de stukken dat de minderjarigen wisselende wensen hadden en dat er sprake was van spanningen tussen hen.
Gelet op de uiteenlopende standpunten en het belang van de minderjarigen, wees de rechtbank het verzoek van de man af. Wel stelde zij de stukken ter beoordeling aan de Raad voor de Kinderbescherming voor een nader onderzoek naar de zorgregeling. De beslissing over de kinderbijdrage werd aangehouden in afwachting van het advies van de Raad. De zaak werd pro forma aangehouden tot 10 juli 2017.
Uitkomst: Het verzoek tot co-ouderschap en wijziging van de hoofdverblijfplaats wordt afgewezen; nader onderzoek door de Raad wordt ingesteld.