Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 7 juni 2016 in de zaak tussen
[eiseres] B.V., te Den Burg, eiseres
[eiser] , te [woonplaats] , eiser,
het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Texel, verweerder
Als derde-partij heeft aan het geding deelgenomen: Waddenduyn B.V., te Den Burg
Procesverloop
Overwegingen
(de rechtbank begrijpt:) de dakhellingworden bepaald aan de hand van de hoek tussen de lijn welke de goothoogte en het hoogste punt van het bouwwerk verbindt ten opzichte van het horizontale vlak. De dakhelling is maximaal 58°. Verweerder heeft ter zitting aan het voorgaande toegevoegd dat de gehanteerde meetwijze voor de hellingsgraad van een gebogen kap gangbaar en juist is. Als de kap op geen enkel punt boven de 60 ˚ zou mogen komen, zoals eisers betogen, zou dat betekenen dat een gebogen of halfronde kap niet zou zijn toegestaan op grond van deze planregel. Verweerder geeft aan dat dat niet bedoeld is. In het bestemmingsplan is ook overigens niet bepaald dat een gebogen of halfronde kap niet is toegestaan. Op Texel zijn inmiddels ook al meerdere gebouwen met een gebogen dak vergund en gebouwd.