ECLI:NL:RBNHO:2017:5821
Rechtbank Noord-Holland
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek transitievergoeding wegens ontbreken opzegging door werkgever
De werknemer was sinds 31 maart 2014 in dienst bij Werk-Net en had een uitzendovereenkomst voor bepaalde tijd die op 24 februari 2017 eindigde. De werknemer verzocht Werk-Net tot betaling van een transitievergoeding, stellende dat Werk-Net de arbeidsovereenkomst had opgezegd. Werk-Net betwistte dit en stelde dat de werknemer zelf de arbeidsovereenkomst had opgezegd bij een voorman van Barendse-DC, een inlenende partij, en dat deze voorman niet bevoegd was namens Werk-Net op te zeggen.
Tijdens de zitting bleek dat de werknemer een verklaring had ondertekend waarin werd gesteld dat het werk bij Barendse-DC zou ophouden, maar Werk-Net betoogde dat deze verklaring door NL Jobs was opgesteld en niet door Werk-Net. De kantonrechter oordeelde dat het niet aannemelijk was dat Werk-Net de arbeidsovereenkomst had opgezegd, mede omdat de voorman en de vertegenwoordiger van NL Jobs niet bevoegd waren om namens Werk-Net op te zeggen.
De kantonrechter wees het verzoek daarom af en veroordeelde de werknemer tot betaling van de proceskosten. De zaak werd gelijktijdig behandeld met een soortgelijke zaak van een andere werknemer, waardoor de proceskosten werden gehalveerd.
Uitkomst: Het verzoek tot betaling van een transitievergoeding wordt afgewezen omdat niet is vastgesteld dat Werk-Net de arbeidsovereenkomst heeft opgezegd.