Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
1.De procedure
- de dagvaarding met producties 1 t/m 15
- de conclusie van antwoord met producties 1 t/m 12
- de tussenvonnis van de kantonrechter van 22 juni 2016
- de brief van mr. Buitelaar van 29 september 2016 met nadere producties 16 t/m 18
- de comparitie van partijen bij de kantonrechter op 10 oktober 2016
- het (verwijzings)vonnis van de kantonrechter van 9 november 2016
- de brief van mr. Buitelaar van 16 juni 2017 met nadere producties 19 t/m 28
- de brief van mr. Velsink van 20 juni 2017 met de nadere producties 13 t/m 15
- het proces-verbaal van comparitie van 4 juli 2017.
2.De feiten
- de koopovereenkomst Oosthuizen voor een bedrag van € 15.000,-;
- de koopovereenkomst Eibergen voor een bedrag van € 31.900,-, en
- de koopovereenkomst Roosendaal voor een bedrag van € 57.375,00.
“Veel mistanden bij grond- en teakhoutbeleggingen”. Het bericht van de gemeente Zeevang luidt als volgt:
3.Het geschil
Te verklaren voor recht dat de drie koopovereenkomsten zijn ontbonden.
Groza vanwege de ontbinding van de koopovereenkomst met betrekking tot het perceel in Oosthuizen te veroordelen tot terugbetaling aan [eiser] van een bedrag van € 17.693,20, althans € 15.000,00, althans een door de kantonrechter in goede justitie te bepalen bedrag, te vermeerderen met wettelijke rente vanaf de dag na de dag der dagvaarding tot aan de dag van algehele voldoening;
Gedaagden hoofdelijk, des dat de één betalende de anderen zullen zijn bevrijd, te veroordelen tot betaling aan [eiser] van het bedrag ad € 15.693,20, althans een door de kantonrechter in goede justitie te bepalen bedrag uit hoofde van schadevergoeding, te vermeerderen met de wettelijke rente over dit bedrag vanaf 26 november 2015, althans vanaf de dag der dagvaarding, althans enige andere datum door de kantonrechter in goede justitie te bepalen, tot aan de dag der algehele voldoening;
De twee koopovereenkomsten tussen Groza en [eiser] met betrekking tot de percelen in Eibergen en Roosendaal te vernietigen dan wel te verklaren voor recht dat de koopovereenkomsten met betrekking tot deze twee percelen vernietigd zijn naar aanleiding van de verklaring per brief van 23 december 2015;
De koopovereenkomst tussen Groza en [eiser] en de akte van levering met betrekking tot het perceel in Oosthuizen te vernietigen per datum vonnis.
Groza vanwege de gevolgen van de vernietiging te veroordelen tegen bewijs van kwijting aan [eiser] te betalen een bedrag ad € 17.693,20, althans een door de kantonrechter in goede justitie te bepalen bedrag, vermeerderd met de wettelijke rente over dit bedrag vanaf 26 november 2015, althans de dag der dagvaarding, althans vanaf de dag dat vonnis is gewezen tot en met de dag der algehele voldoening;
De gevolgen van de koopovereenkomst tussen Groza en [eiser] met betrekking tot het perceel in Oosthuizen ter opheffing van het nadeel van [eiser] te wijzigen (ex artikel 6:230 lid 2 BW Pro) door Groza te veroordelen tot betaling van € 13.000,00 aan [eiser], althans de gevolgen van de koopovereenkomst op een andere wijze te wijzigen ter opheffing van het nadeel van [eiser].
Te verklaren voor recht dat de koopovereenkomsten tussen Groza en [eiser] nietig zijn.
Groza vanwege de gevolgen van de nietigheid van de koopovereenkomsten te veroordelen tegen bewijs van kwijting aan [eiser] te betalen een bedrag ad € 17.693,20, althans een door de kantonrechter in goede justitie te betalen bedrag, vermeerderd met de wettelijke rente over dit bedrag vanaf 26 november 2015, althans de dag der dagvaarding, althans vanaf 14 dagen na de dag dat vonnis is gewezen tot en met de dag der algehele voldoening;
Gedaagden hoofdelijk, des dat de één betalende de ander zal zijn bevrijd, te veroordelen tot betaling aan [eiser] van het bedrag ad € 800,00 ter vergoeding van vermogensschade zoals bedoeld in artikel 6:96 lid 2 BW Pro, althans een door de kantonrechter in goede justitie te bepalen bedrag;
Gedaagden hoofdelijk, des dat de één betalende de ander zal zijn bevrijd, te veroordelen in de kosten van het geding te voldoen binnen veertien dagen nadat vonnis is gewezen, verhoogd met de nakosten te bepalen op € 131,00 te verhogen met een bedrag van € 68,00 en de kosten van betekening van het vonnis na betekening van het vonnis en voor het geval voldoening binnen de bedoelde termijn niet plaatsvindt te vermeerderen met de wettelijke rente te rekenen vanaf het verval van genoemde termijn.
4.De beoordeling
- Er heeft een groot aantal telefoongesprekken tussen Groza B.V. c.s. enerzijds en [eiser] anderzijds plaatsgevonden waarbij intensief op koop van de landbouwgronden is aangedrongen;
- De brochures bevatten zeer gekleurde informatie en zijn onvolledig;
- Indien en voor zover de informatie feitelijk correct zou zijn, geldt dat deze door de algemene presentatie de gemiddelde consument bedriegt;
- De koopovereenkomsten moesten ’s avonds laat door [eiser] getekend worden;
- Aan [eiser] werd door Groza B.V. c.s. geen bedenktijd gegeven voor het aangaan van de overeenkomsten;
- [eiser] mocht niet door zijn eigen notaris de akten van levering laten opstellen;
- Groza B.V. c.s. richt zich op vermogende, goedgelovige ouderen; een specifieke groep waarvan zij als handelaar redelijkerwijs kon voorzien dat die groep wegens hun geestelijke of lichamelijke beperking, hun leeftijd of goedgelovigheid bijzonder vatbaar zijn voor de handelspraktijk. Voor de beoordeling of sprake is van een oneerlijke handelspraktijk is bepalend of deze oneerlijk is voor het gemiddelde lid van voornoemde groep;
- Er werd door Groza B.V. c.s. gesteld dat er nog maar een beperkt aantal percelen grond beschikbaar was, de aard van het verkoopproces was opdringerig, gehaast en doorspekt met gekleurde en onvolledige informatie en er werd door Groza B.V. c.s. gewezen op het bestaan van een specifiek prijsvoordeel.
- griffierecht € 1.929,00
- salaris advocaat