ECLI:NL:RBNHO:2018:10233
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beëindiging WIA-uitkering wegens minder dan 35% arbeidsongeschiktheid bevestigd
Eiseres, voormalig verkoopmedewerkster, viel uit wegens lichamelijke en psychische klachten waaronder paniekstoornis, fibromyalgie en artrose. Na een verzekeringsgeneeskundig onderzoek werd zij beoordeeld als minder dan 35% arbeidsongeschikt, waarna haar WIA-uitkering werd beëindigd per 4 mei 2017.
De verzekeringsarts Bezwaar en Beroep (B&B) voerde aanvullend onderzoek uit en paste de functionele mogelijkhedenlijst (FML) aan, waarbij beperkingen werden vastgesteld in fysieke belastbaarheid en psychische aspecten. De arbeidsdeskundige B&B concludeerde dat eiseres geschikt was voor vijf functies en slechts 8,21% arbeidsongeschikt was.
Eiseres voerde aan dat de beperkingen onjuist waren vastgesteld, met name ten aanzien van hoofdbewegingen en handkracht. De rechtbank oordeelde dat het verzekeringsgeneeskundig onderzoek zorgvuldig was uitgevoerd en dat de beperkingen in de FML adequaat waren gemotiveerd. De stelling van eiseres dat zij niet acht uur per dag kan werken wegens behoefte aan rust werd niet onderbouwd.
De rechtbank ziet geen reden om de arbeidsdeskundige beoordeling te verwerpen en concludeert dat de beëindiging van de WIA-uitkering terecht is. Het beroep wordt ongegrond verklaard en er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt de beëindiging van de WIA-uitkering per 4 mei 2017.