Uitspraak
Rechtbank noord-holland
Uitspraak van de meervoudige kamer van 5 december 2018 in de zaken tussen
[X] , te [Z] , eiser,
de inspecteur van de Belastingdienst, kantoor Den Haag, hierna: verweerder.
Procesverloop
Overwegingen
Geschil11.In geschil is of de uitspraken op bezwaar tegen de navorderingsaanslagen IB/PVV 2008 en 2009 juist zijn.
- [B] Ltd. en eiser zouden een zakelijke samenwerking op het gebied van projectontwikkeling en financiering beginnen;
- Eiser zou binnen zijn zakelijke netwerk naar dergelijke projecten op zoek gaan en die aanbrengen;
- Eiser zou een commissie van 0,5% - 2,5% van het bruto geïnvesteerde bedrag ontvangen voor de in het kader van deze samenwerking door een van beiden gearrangeerde projecten;
- De lening is verstrekt teneinde eiser te bewegen dit samenwerkingsverband aan te gaan en om de onderneming in Europa op te zetten;
- Er was voor eiser geen enkele verplichting tot (terug-)betaling van bedragen onder de leningsovereenkomst, anders dan door verrekening met de aan hem in het kader van deze samenwerking toekomende commissies;
- In 2010 heeft [B] Ltd. op verzoek van eiser bevestigd dat hij is ontslagen van enige (terug-)betalingsverplichting uit hoofde van deze overeenkomsten.