ECLI:NL:RBNHO:2018:2774
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Verbod op contact tussen vader en minderjarige dochter wegens zwaarwegend belang
De rechtbank Noord-Holland behandelde een zaak waarin de vader verzocht om een zorgregeling met betrekking tot zijn minderjarige dochter. Beide ouders hebben gezamenlijk gezag over het kind. De Raad voor de Kinderbescherming bracht advies uit waarin werd gesteld dat contact tussen de vader en de dochter schadelijk zou zijn voor het welzijn van het kind. De dochter ervaart veel spanning door de langdurige strijd tussen haar ouders en heeft zelfs een wanhoopspoging gedaan.
De moeder steunde het advies van de Raad en verzocht om ontzegging van het contactrecht van de vader. De vader stemde in met de afwijzing van zijn verzoek, maar vond een contactverbod te zwaar. De rechtbank oordeelde dat het belang van de dochter voorop staat en dat het contact met de vader voor de duur van één jaar verboden moet worden. Dit verbod betekent niet dat contact daarna automatisch mogelijk is; dit hangt af van gewijzigde omstandigheden.
De rechtbank benadrukte dat de vader eerst moet nadenken over zijn bijdrage aan het herstel van de relatie en eventueel hulp moet inschakelen voordat hij opnieuw contact aanvraagt. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad en kan binnen drie maanden worden aangevochten via hoger beroep.
Uitkomst: Het verzoek van de vader om een zorgregeling vast te stellen wordt afgewezen en hem wordt het contact met zijn dochter voor één jaar verboden.