ECLI:NL:RBNHO:2018:2899
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Bevestiging onvoorwaardelijk strafontslag politiemedewerker wegens rijden onder invloed
Eiser, een hoofdagent sinds 2000, werd op 4 september 2015 aangetroffen naast zijn op de kop liggende auto met een te hoge alcoholpromillage. Na een intern onderzoek legde verweerder hem op 3 mei 2016 onvoorwaardelijk strafontslag op wegens ernstig plichtsverzuim. Eiser stelde dat een onbekende persoon de auto bestuurde en verwees naar zijn strafrechtelijke vrijspraak wegens gebrek aan bewijs.
De rechtbank oordeelde dat het bestuursrechtelijke bewijscriterium minder streng is dan in het strafrecht en dat het plichtsverzuim los van de strafrechter beoordeeld wordt. De verklaring van eiser werd niet geloofd, mede door tegenstrijdige verklaringen van getuigen en het terugvinden van autosleutels nabij de auto. Het niet tijdig opvragen van camerabeelden en het ontbreken van onderzoek aan de auto werden niet als ernstig gebrek aan onderzoek gezien.
De rechtbank vond het strafontslag niet onevenredig, mede gezien eerdere incidenten van rijden onder invloed door eiser. Het beroep werd ongegrond verklaard, waarmee het ontslag definitief bleef.
Uitkomst: Het beroep tegen het onvoorwaardelijk strafontslag wegens rijden onder invloed wordt ongegrond verklaard en het ontslag blijft in stand.